Menu

Contacteer ons
03 755 67 48

Volg de laatste nieuwtjes

Hier komen regelmatig nieuwtjes uit Melsele en interessante weetjes te staan. Kom geregeld eens kijken! De bedoeling is om hier interessante informatie te plaatsen: hoe men zijn antieke meubelen het beste onderhoud kan geven of welke kenmerken in meubels en decoratie overeenkomen met welke stijlperiode.

Of nog: in welke tijdperiode men een bepaalde stijl kan plaatsen, streekmeubels (rustiek) en hun geschiedenis en kenmerken, de achtergrondinformatie van antieke voorwerpen en kasten (veelal de Franse geschiedenis), interessante gebruiksvoorwerpen,....

Ook info over restauratie en onderhoud, de hedendaagse landelijke stijl, ook wel landelijk-chic genoemd,... Kortom, alles wat de antiekliefhebber kan interesseren. U mag ons zelf ook onderwerpen doorspelen. Af en toe wat nostalgische heemkundige verhalen kunnen ook.

Landelijke Stijl.... tijdloos en de expressie van uw persoonlijkheid

Heerlijk tot rust komen in uw woning, lekker cocoonen in uw eigen sfeervolle omgeving...  Met een landelijke inrichting van uw woning kan u alle kanten uit, uw eigen voorkeur en het te besteden budget zullen bepalen hoe uw woning er uiteindelijk zal uitzien.  U kan kiezen voor een koeler, modern landelijk interieur of juist de klassieke toer opgaan met meer decoratie en combinaties met antieke of oude meubeltjes en spulletjes.

Wat is de "Landelijke stijl" eigenlijk? Antiek & Interieur Den Ouden Overzet geeft u hier het antwoord

De landelijke stijl, ook wel "country-" of "cottage stijl" genoemd is een stijl die reeds heel lang populair is en tot op de dag van vandaag nog steeds door velen op prijs gesteld word, juist omdat er de combinatie kan gemaakt worden van hedendaags comfort met een vleugje verleden.  Mooie en kwalitatieve antieke stukken worden gecombineerd met nieuwe stukken. In onze vluchtige samenleving waar technologie een grote plaats in het dagelijkse beroepsleven inneemt, kiest men voor de thuisomgeving weloverwogen voor een warm en gezellig thuisfront. Typisch voor de landelijke stijl zijn de zachte, lichte vaak natuurlijke kleuren, comfortabele materialen en tere of juist stoere stoffen.

De landelijke woonstijl kan u in elk type woning integreren, het betekent niet dat uw interieur "een boerderij inrichting" is. Geërfde meubels van uw grootouders of aangekochte antieke en oude meubelen, bijvoorbeeld bij Antiek & Interieur Den Ouden Overzet, kunnen perfect gecombineerd worden met nieuwe, strakkere kasten, stoelen en of tafels. Een likje verf op de oude of nieuwe meubelen, eventueel behandeld zodat ze er terug weer ouder uitzien, laten alles met elkaar matchen. Uw budget blijft zo perfect onder controle en het nostalgische verleden gaat niet verloren, herinneringen worden warm gekoesterd en bewaard in de famillie.  

Omdat veel van deze oudere en ook de nieuwe landelijke kasten vaak open schabben of glaspartijen hebben is het logisch dat ook de decoratie niet vergeten mag worden. Deze kan uitgezocht worden op kleur of soort, uw "verzameling" kan door iedereen bewonderd worden en zelf geniet u alle dagen van uw erfstukken of aanwinsten. Versleten vaatwerk in witte tinten kan het heel mooi doen wanneer het allemaal samen staat te pronken in uw vitrine of op uw open keukenschabje.  Wil u echt "shabby chic" gaan, dan kiest u voor heel veel decoratie en bloemen. Uw meubeltjes krijgen een ietwat "gebruikt uiterlijk" door het te laten patineren of doorschuren. Uiteraard mogen kussens en zachte dekentjes niet ontbreken. Antiek & Landelijk Interieur Den Ouden Overzet kan u deze aanbieden uit de collecties van o.a. "Clayre & Eef" en "Mathilde M.". Grof linnen, zacht flanel, katoen, fijn kantwerk zoals van "Chez Moi", zolang de stoffen maar gezellig aanvoelen en er niet goedkoop uit zien. Het knuffelaspect van de stof is eveneens belangrijk, de stoffen moeten aangenaam aanvoelen. Knus voor 's avonds of voor een koude namiddag. Jacquard stoffen met bloempatronen worden gecombineerd met ruitjes en mooi gedrukte dessins; alles kan gecombineerd worden, zelfs met lederen zitmeubelen. Vandaag worden trouwens eveneens zitmeubelen aangeboden bv. van "Leda" en "Nouvion" in "textielleder", deze stoffen voelen aan en zien er uit als echt leder maar zijn prijsvriendelijker.

Opvallende kleuren en neutraal wit zal u niet vaak aantreffen in een landelijk interieur, men kiest hier overwegend voor natuurkleuren zoals zand, créme witten of eigenlijk alle gebroken wittinten die dan weer eventueel kunnen gecombineerd worden met zachte pasteltinten. De combinatie van deze zachte tinten verraden uw persoonlijke voorkeur en vormen samen een warm pallet. Zacht babyblauw, -rose, en -groen geven uw woning een jeugdige uitstraling. Akkoord, deze kleuren zijn iets gedurfder, maar het geeft net die persoonlijke toets die opvalt boven het gebruikelijke pallet van aardetinten in beige en grijzen. Voor wie het iets meer klassiek wil en niet direct wil experimenteren met kleurtjes zijn er een heleboel aarde- en natuurtinten die onderling combineerbaar zijn. Net zoals in de natuur geven deze kleuren rust in uw woning. Eddy en Myriam van Antiek & Interieur Den Ouden Overzet geven u graag advies bij het samenstellen van uw landelijke interieur.

"Mathilde M." heeft in de aanbieding een heleboel super vrouwelijke spulletjes om alles te ordenen in de slaap- en badkamer. Benevens de kamergeurtjes waar zij zo goed voor gekend zijn bij de echte interieurliefhebbers (alle geurtjes werden verkregen door het mengen van échte parfums van Grasse), kan u een zeer uitgebreid en prachtig assortiment badkamerspulletjes vinden. Dit gaat van porselein kannen met WC borstel over een porselein set voor zeepjes en tandenborstels, WC rolhouders, geurstenen, zeepjes,... tot en met het grootste of kleinste toilettasje.

In de keuken kan u dan weer werken met o.a. de collecties van "Orval". In deze collecties kan u bijna alles vinden voor de nostalgische keuken. Sponshoudertjes in porcelein (dus gemakkelijk te onderhouden), afvalemmertjes, servetverdelers, placemats, serviesgoed, dienblaadjes, mooie theemokken,.... te veel om op te noemen. Het zijn trouwens zeer betaalbare en leuke geschenkjes om iemand te plezieren.

Wil u een landelijk interieur en weet u niet goed hoe beginnen?  Kom een kijkje nemen bij ons in de zaak!

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                 

Nieuw in onze collectie : prachtige kunstbloemen en bijpassende huiskamergeurtjes

Vernieuwen van de collecties en het assortiment is voor iedere zaak noodzakelijk. Zeker in kleding- en interieurwinkels dient men die regel niet te vergeten. Ook Den Ouden Overzet vergeet niet om het aanbod regelmatig aan te vullen met nieuwe artikelen die volledig in de huisstijl passen.

Wat ontbreekt er nog in ons assortiment, waarmee kunnen we onze klanten nog verrassen en plezieren...  Dit zijn dagelijks de vragen waar Eddy en Myriam - zich het hoofd over breken is zwaar overdreven - maar toch mee bezig zijn. Meer dan dertig jaar ervaring mag niet in de weg staan van vernieuwing en zich aanpassen aan moderne "noden". En zij zijn er in geslaagd nog een waardevolle aanvulling van de collecties op de kop te kunnen tikken. 

Het hele jaar door genieten van een geparfumeerd huis vol prachtige bloemen. De smaakvolle Artempo bloemen en geuren kunnen uw huis verfrissen met stijl. Ze zijn niet van echte bloemen te onderscheiden en werden vervaardigd met oog voor het kleinste detail door bloemenkunstenaars. Vier bijpassende en heerlijke huisparfums voor Artempo gedestileerd uit de fijnste bloemengeuren werden ontwikkeld door de meesterparfumeurs van de bekende parfumstad Grasse in Frankrijk. Ze zullen verkrijgbaar zijn als geurkaarsen en als diffuseurs met geurstokjes.

Mathilde M. vergroot hiermee zijn aanbod. Connaisseurs kennen Mathilde M. voor de kamergeuren met echte parfums die eveneens gecreërd en aangeschaft worden in Grasse. En voor de fantastisch mooie en smaakvolle badkameraccessoires, het verfijnde tafellinnen en de vrouwelijke hebbedingen.

Een zeer groot aanbod van dit befaamde Franse merk kan u bij ons vinden!

90 jaar slaapadvies, nu terug te vinden bij Den Ouden Overzet !

Bij Antiek & Interieur Den Ouden Overzet te Melsele kan u de boxsprings, bedden en matrassen aankopen van het gekende, Oost Vlaamse "slaapbedrijf" Van Landschoot. De leuze "Taking Care of your dreams" is bij dit bedrijf geen holle fraze. Dit jaar bestaat Van Landschoot reeds 90 jaar!

Van Landschoot kunnen we zeker een bedrijf in beweging noemen. In hun lange bestaan als slaapadviseur en fabrikant van alles wat met comfortabel slapen te maken heeft, hebben ze regelmatig nieuwe, belangrijke stappen ondernomen om de organisatie groter en sterker te maken. Zo produceren ze vandaag een uitgebreid en veelzijdig assortiment aan matrassen en in hun vestiging in Beaumont hebben ze zich verder gespecialiseerd in boxsprings en hoofdborden. Op dit ogenblik bieden ze ook via Antiek & Interieur Den Ouden Overzet een totaalpakket aan van matrassen, boxsprings, lattenbodems, dekbedden en kussens.

Al hun producten zijn 100% Belgisch fabrikaat en we mogen toch wel even chauvinistisch zijn niet? Dankzij de omvang van de fabriek en de efficiënte inrichting van de productiehal, die wij als zaakvoerders van Den Ouden Overzet reeds konden bezoeken, is het niet nodig om voorraden van afgewerkte producten op te slaan. Zij maken alle matrassen en boxsprings op vraag van de klant en kunnen al deze producten dan ook in speciale maten leveren.

Bij Antiek & Interieur Den Ouden Overzet vraagt men u dan ook steeds of u goed slaapt wanneer u komt informeren voor een nieuw slaapcomfort. Dit is zeer belangrijk, een goede nachtrust mag men niet wegcijferen. Slaap zorgt immers voor lichamelijk en geestelijk herstel na een drukke dag. Wanneer u eens één nachtje slecht slaapt is dit niet zo erg, maar dat mag geen nachtenlang duren. Dit heeft immers een negatieve invloed op heel uw funcitoneren en bedreigt uw gezondheid. Daarom dat het belangrijk is over een goed slaapsysteem te beschikken om goedgeluimd en uitgeslapen aan de ontbijttafel aan te schuiven. Ook jonge mensen met een beperkt budget hebben recht op een prima nachtrust. De prijzen van de slaapsystemen van Van Landschoot liggen dan ook goed in de markt: géén overprijsde artikelen, wél een supercomfort!

Net zoals in de luxe hotels kan u uw eigen kamer voor een schappelijke prijs inrichten. Deze sterrenhotels laten immers niets aan het toeval over wat inrichting en slaapcomfort betreft. De nachtrust van hun gasten is hun goud waard. De beste matrassen en boxspring combinaties, het mooiste beddengoed en de comfortabelste kussens worden aangekocht om de klanten te verwennen. Dezelfde aandacht biedt Antiek & Interieur Den Ouden Overzet aan de inrichting en het comfort van de aangeboden slaapkamercombinaties voor hun klanten.

De matrassen van Van Landschoot zorgen voor een optimale nachtrust: de duizenden drukpunten en de elasticiteit van de gebruikte schuimvullingen zorgen voor een gelijkmatige lichaamsdruk waardoor u kan genieten van een doorlopende nachtrust. Door de pocketveren en de zones van de matrassen ondersteunen ze de natuurlijke lichaamshouding waardoor u zonder moeite of overlast voor uw medeslaper kan draaien en ongestoord verder slaapt. Een goede ventilering van de spiraalbodems bij de pocketveermatrassen zorgt samen met de vochtregulerende materialen voor de nodige ventilatie zodat u geen last heeft van overdadige transpiratie.

Bedhoofdeinden kan u aankopen van het gamma van Van Landschoot of u kiest een antiek bedhoofdeinde uit het aanbod van Antiek & Interieur Den Ouden Overzet. Wij zorgen ervoor dat de kleur van het hoofdeind afgestemd wordt op de gekozen kleur van de boxspring of het bed. Of u kiest een mooi Frans decor uit de Mathilde M. collectie waardoor u een echt persoonlijk "kasteelbed" creeëren kan. Ook prachtig te integreren in een hedendaags landelijk en zelfs modern interieur. Kussens zijn eveneens bij ons verkrijgbaar; zowel de slaapkussens als de sierkussens van o.a. Mathilde M. en Clayre & Eef waarmee u een extra accent legt in uw slaapkamer. Mooie bedspreien of boutis van Clayre & Eef zorgen voor een uitnodigende sfeer, u laat met plezier uw slaapkamer bewonderen door uw vrienden en familie, zelf geniet u er uiteraard het eerst en meest van want ook de slaapkamer mag mooi ingericht zijn.

U ziet het, waarom niet eens langskomen bij Antiek & Interieur Den Ouden Overzet te Melsele wanneer u aan de (her)inrichting van uw slaapkamer toe bent? U bent van harte welkom!

       Cambridge Boxspring, Antiek & Interieur Den Ouden Overzet, Melsele       

Neem contact met ons op

Heeft u nog bepaalde vragen over de nieuwtjes die u op deze pagina kunt terugvinden? Neem dan zeker even contact op met Antiek Den Ouden Overzet in Melsele.

 

Onze nieuwsberichten

close

Open Deur Dagen november 2016

Beste Interieurliefhebber( s)
 
“Een likje verf hier, een verfraaiing daar, hier hebben we nog nood aan een extra meubelstukje en onze oude meubelen moeten
dringend een verjongingskuur ondergaan.....”
Ook de eindejaarsgeschenken kopen we nu reeds beter in, zo vermijden we de drukte en maken we een goede keuze en dan
ga je naar Den Ouden Overzet natuurlijk.  Mooie cadeautjes aan betaalbare prijzen én ze zijn nog nuttig ook !
 
De nieuwe collecties van Mathilde M., Orval, Clayre & Eef, Leineke en Fientje staan hier te pronken.
Volledig nieuw zijn de prachtige kunstbloemen en vazen van Art Tempo (Mathilde M.).
De heringerichte kamer opstellingen zullen u aangenaam verrassen en u ideetjes geven voor uw eigen woning. 
Antieke meubelen gecombineerd met Belgische zitmeubelen van Leda, boxspring combinaties van Van Landschoot (eveneens
Belgisch) en de Original Loom en Nouvion stoelen van Nederlandse makelij creëren de gezellige landelijke stijl waarmee wij
u verleiden.
 
Daarom nodigen wij u met genoegen uit op onze
 
eindejaar Open Deuren.
 
Traditiegetrouw gaan deze door op
 
11, 12 en 13 november
telkens van 13 tot 18 u.
 
De vers gemaakte snackjes en koffie staan te wachten.   Van een glaasje wijn en/of fris kan u desgevallend eveneens genieten.
 
Ook de goed gevulde en waardevolle goodie-bags staan klaar.
Ieder bezoekend gezin kan een goodie-bag krijgen, bij een minimumaankoop van 15,- Euro. 
Bij een aankoop vanaf 15,- Euro geven wij u ook nog 10 % korting.*/**
 
Bovendien zijn wij verheugd u dit jaar te kunnen verwennen met een gratis etentje dat wij u aanbieden bij Restaurant Arno.
Bij een minimum netto*/** aankoop van 750,- Euro krijgt u van ons een bon om u te laten verwennen door deze jonge chef die
zijn opleiding heeft gekregen in de vermaarde school “Ter Groene Poorte”.  
(Voor meer info over dit restaurant surft u naar http://www.restaurantarno.be/ )
Drie keer extra winst voor u dus !
 
U ziet het, ook dit jaar geven wij u weer voldoende redenen om ons zeker een bezoek te brengen tijdens de Open Deuren.
 
Tot binnenkort !
 
Eddy Van den Bergh
Myriam Hofkens
 
 
* Niet op maatwerk, papierwaren, boenwas, werkuren, extra uit te voeren werken zoals schilderen of extra schabben, leveringskosten.
**  Nettobedrag te betalen 750,- Euro na aftrek van de korting.
* en **  niet cumuleerbaar met andere voordelen en kortingen.
 
 
 
 

Lees meer

close

Geuren en accessoires uit de oude doos.

Iedereen besteedt veel tijd aan de inrichting van zijn interieur. Strak, modern of tijdloos elegant en stijlvol in landelijke stijl. Deze laatste trend wordt ook gevolgd door Mathilde M., een Frans merk dat zich oorspronkelijk en voornamelijk richtte op oude geuren en badartikelen en dat verdeeld wordt door Antiek en Interieur Den Ouden Overzet te Melsele.

De “gepoederde” geuren uit de 18e eeuw komen terug in zwang voor het interieur in de vorm van kleine geursteentjes die je kasten een frisse en natuurlijke geur bezorgen. Onder andere de Franse firma Mathilde M. legt zich toe op dit genre natuurlijke essences. Deze worden aangekocht in de bekende Franse parfumstad Grasse. Complexe parfums, doordrongen van karakter, unieke geuren, gedragen door herinneringen… met namen zoals “Marquise”, “Poudre de Riz”, “Fleur de Coton”, “Coeur d’Ambre”, …. doen je wegdromen.

Gesticht in 2002 door Mathilde en Eric Clavelet heeft dit merk zich verder ontwikkeld en bestaat de collectie uit meer dan alleen parfums. Vandaag worden een heel gamma zeer smaakvolle kwaliteit producten aangeboden in de landelijke stijl. Uiteraard maken ook de delicate geurproducten uit het verleden nog deel uit van het assortiment. Geuren die terug doen denken aan de 18e eeuw worden voorzien van een subtiel hedendaags accent. Iedere nieuwe collectie laat de klant wegdromen met een vleugje geur, sierlijke voorwerpen, luxueuze hebbedingen en elegante reeksen.

Voor de badkamer bestaat er een heel gamma smaakvolle artikelen, waar mee zelfs het “kleinste” kamertje een persoonlijke en landelijke toets kan krijgen. Geurflacons in biscuit die heel subtiel de oude geuren verdelen, kleine geborduurde en met kant versierde gastendoekjes, porseleinen toiletsetjes, WC papierrolhouders, WC borstels in porseleinen kannen, zijn enkele van de kleinere items. Speciaal zijn de plaaster medaillons in allerlei afmetingen, meestal versierd met engeltjes, rozen, vlinders of architecturale krullen die men kan impregneren met een van de geuren uit het assortiment, zodat ook hier op subtiele wijze een frisse geur verspreid wordt.

Nieuw zijn de series “Bucolique” en “Dentelle” die in het assortiment ook aangepaste en universeel te monteren WC brillen, personenweegschalen, bad- en douchegordijnen en pedaal vuilnisemmertjes aanbieden. De schitterende decors geven een aparte toets aan het interieur.

Verder is er nog een lijn speciaal voor de verzorging van Baby. Ook voor vrouwen zitten in het gamma fijne verzorgingsproducten met delicate lichaamsparfums, zeepjes en oliën, gegarandeerd zonder parabenen.

Alleszins een aanrader om kennis te maken met deze producten. U kan deze uitproberen en aankopen bij Antiek en Interieur Den Ouden Overzet te Melsele, waar u van harte welkom bent op ma, di, do, vrij en za van 10 tot 12 en van 13 tot 18 uur. Gedurende de zomermaanden juni, juli, augustus en september is de winkel dicht op zondag. Open deur dagen worden steeds gepland in de maand november.

   

 

Lees meer

close

Tiffany lampen en meer...

Nu de koude en donkere wintermaanden terug voor de deur staan, gaan we meer tijd binnenshuis doorbrengen. De open haard lokt om gezellig een kopje chocolademelk of een andere winterse drank te genieten. We maken het gezellig met sfeerverlichting en wat brengt meer sfeer en warm licht in huis dan een mooie, originele tiffanylamp?

Louis Comfort Tiffany was een Amerikaanse glaskunstenaar en ontwerper die vooral bekend werd door zijn gebrandschilderd glas en nog meer door zijn lampen in Art-nouveau en Art-deco(ratief) stijl. Hij werd geboren te New York op 18 februari 1848 en overleed er op bijna 85 jarige leeftijd op 17 januari 1933. In 1872 huwde Louis met Mary Woodbridge Goddard te Norwich, Connecticut in de Verenigde Staten. Met haar kreeg hij vier kinderen.
Na haar dood in 1884 hertrouwde hij met Louise Wakeman Knox in november 1886 en met Louise kreeg hij nog vier dochters. Louis Comfort was de zoon van Charles Lewis Tiffany en Harriet Olivia Avery Young. Zijn vader was de stichter van Tiffany & C°, een Amerikaanse multinational van luxe-juwelen en -artikelen. (Er waren en zijn speciale Tiffany winkels waar je hun goederen kan bestellen en kopen.)

Oorspronkelijk was Louis kunstschilder, maar rond 1875 werd hij gefascineerd door de glaskunst en ging hij in verscheidene glasateliers werken te Brooklyn. In 1879 sticht hij samen met drie compagnons - Candace Wheeler, Samuel Colman en Lockwood de Forest de firma 'Louis Comfort Tiffany and Associated American Artists'. Tiffany's leiderschap, zijn artistiek gevoel en de financiële steun en de connecties van zijn vader, gaven de firma een hoge vlucht.
Het Mark Twain house in Connecticut (dat nog steeds bestaat)werd in 1881 ingericht door Tiffany. Maar de belangrijkste opdracht kwam toen President Chester Alan Arthur weigerde te verhuizen naar het Witte Huis vooraleer het volledig heringericht was. Tiffany die met zijn firma naam begon te maken in de betere kringen, kreeg van de president de opdracht o.a. de State Rooms te her decoreren. De East Room, de Red Room, de Blue Room, de State dining Room en de inkomsthal werden volledig onder handen genomen. Deze kamers werden volledig opnieuw gestoffeerd, behangen, geschilderd, voorzien van nieuwe schouwmantels, en uiteraard werd overal Tiffany verlichting voorzien. Deze weerspiegelde in de grote ramen en konden de nieuwe president bekoren.

Op 1 december 1885 werd de Tiffany Glass C° gesticht, later bekend als de Tiffany Studio's. Louis Comfort was geobsedeerd door glas en de firma met zijn drie compagnons werd ontbonden. In het begin van de werkzaamheden met zijn glasbedrijf, gebruikte men gebroken kruiken en flessen, omdat dit glas minerale onvolmaaktheden bezat, wat bij zuiver glas ontbrak. Hij gebruikt verschillende kleuren opaalglas en stelde zelf zijn glas samen omdat de glazeniers in die tijd niet konden overtuigd worden om de onvolmaaktheden in het glas te behouden, zij kozen voor "zuiver" glas. In 1889 ontmoette Tiffany op de Expositie te Parijs de kunstenaars Emile Gallé (waardoor hij overweldigd was), en Alphons Mucha, evenals vele andere kunstenaars uit de Art Nouveau richting.

In 1893 bouwde Tiffany te Corona, Queens, NY, een nieuwe glasfabriek The Stourbridge Glass C°, later bekend onder de naam Tiffany Glass Furnaces. De EngelsmanArthur J. Nash werd aangesteld als verantwoordelijke. In 1893 introduceerde zijn firma het zgn Favrile glass, een versmelting van normaal opaliserend wit glas en helder antiek gekleurd glas zoals al eeuwen werd gebruikt in glas in loodramen. Tiffany was er in geslaagd tot wel vijf verschillende kleuren te mengen. Op 13 november 1894 werd hierop een patent aangevraagd. Favrile is een verbastering van het oude Franse woord voor oud glas, later gebruikte Tiffany deze benaming voor al zijn glas. Sommige van de vroege voorbeelden van zijn lampenkappen werden tentoongesteld op de Wereldtentoonstelling te Chicago. Op de Wereldtentoonstelling te Parijs in 1900 won hij een gouden medaille met het glasraam de "Vier Seizoenen" in gebrandschilderd glas.

Rond 1895 startte hij met de commerciële productie van lampenkappen. Gebrandschilderd glas en lampenkappen waren de voornaamste productie artikelen, maar zijn bedrijf stond ook in voor heel wat projecten van totale decoratie en herinrichting. Op een bepaald ogenblik verschafte zijn bedrijf tewerkstelling aan meer dan 300 werknemers en kunstenaars. Recent wetenschappelijk kunstonderzoek zou uitwijzen dat een team van getalenteerde jonge ongehuwde dames, onder leiding van Clara Driscoll een grote rol speelden in het gebruik van florale en andere decoratie onderwerpen op de gekende Tiffanylampen. Veel van de nu nog gekende Tiffanylampen zoals "Blauwe regen", "Libel", "Pioenroos" en "Klaproos" kunnen aan deze "Tiffany Girls" worden toegeschreven.
In de Tiffany interieurs werd veel gebruik gemaakt van geometrische patronen met Indiaanse, Moorse en andere motieven in mozaïek. In de mozaïek ateliers werkten voornamelijk vrouwen.

In 1902 werd Louis Comfort Tiffany de eerste ontwerper van het juwelenbedrijf gesticht door zijn vader. 1911 is dan weer het jaar dat een enorm glasgordijn werd ontworpen en vervaardigd voor het Palacia des Belles Artes in Mexico City. Tot op vandaag wordt dit nog steeds aanzien als een absoluut meesterwerk.

Bij de inrichting van zijn eigen huis gebruikte Tiffany al zijn kunde en kunst. Dit Laurelton Hall house telde 84 kamers en werd in 1905 voltooid op Long Island, NY.
Dit landgoed van 243.000 m2 werd overgedragen aan zijn fonds ter ondersteuning van kunst studenten, verkocht in 1949 en volledig verwoest door een brand in 1957.

De Tiffany lampen zijn zeer populair onder verzamelaars en een zeldzame, originele Tiffany kan gemakkelijk een prijs halen tot één miljoen dollar door de interesse bij rijke en belangrijke verzamelaars. Concepten, kleurenschema's en technieken die steeds verbeterd werden hadden als resulaat dat een botanisch correcte illustratie tot in detail kon overgenomen worden op de lampen.

Vandaag worden tiffanylampen nog op de originele manier met de hand vervaardigd. Het is niet eenvoudig de kleuren van de verschillende soorten Favrille glass in harmonie te brengen. Na het snijden van het gewenste patroon uit het glas, worden de stukjes gekoperfolied en op een mal aan elkaar gesoldeerd.
Het is een intensieve handenarbeid en Favrile glass is kostbaar en moeilijk te bewerken.

Verschillende belangrijke musea hebben originele Tiffany stukken in hun bezit. Tiffany ontving ook van 1893 tot 1926 verscheidene eervolle prijzen en gouden medailles met zijn werk op de wereldtentoonstellingen en de grote exposities.

  

(Bronnen : Wikipedia, Tiffany & C° website, Tiffany's secret is over (Kate Taylor), Out of Tiffany's Shadow, a Woman of Light (Jeffrey Kesstner), Whitye House timeless, decorative art ( (White House Historical Association website).)

 

Lees meer

close

Wintergevoel en Open Deur Dagen…

Het wintergevoel lijkt nog even weg, maar toch bereiden we ons huis al volop voor op de warme, gezellige binnenhuis periode die sneller nadert dan we vermoeden. Deze momenten krijg je zin in versgebakken pannenkoeken en warme chocolademelk met slagroom Glühwein, een drankje dat afschuwelijk smaakt in de zomer, krijgt nu plots een heerlijke geur. In de eindejaar periode doen we het even kalmer aan en maken tijd voor vrienden en familie. Gezellig samen rond de tafel zitten, genieten voor de warme open haard. Ons huisje moet terug in orde zijn. En schoonheid moet je delen, dus je gasten moeten je huis kunnen binnenkomen en zich direct thuis voelen.

En waar vindt u alles wat u hiervoor nodig heeft …. bij Antiek en Interieur Den Ouden Overzet. Daarom dat Eddy en Myriam de Open Deur Dagen traditioneel plannen in deze periode. Onder andere de laatste nieuwe wintercollecties die wij speciaal voor u uitzochten worden u dan voorgesteld. Een eigen sfeer neerzetten die niet standaard is, is ons kenmerk. Belgische makelij is iets waarmee wij in onze zaak hoog oplopen. De bankstellen en fauteuils van “Leda” en de boxsprings en bedden van “Henson Design” worden in Oost Vlaanderen geproduceerd. Beide collecties laten zich moeiteloos integreren in het landelijk romantische interieur zonder aan hedendaags comfort in te boeten Passend bij de antieke en maatwerk landelijke meubelen die wij in collectie hebben. Zoals ieder jaar zijn er weer opvallende en speciale stukken te bewonderen die een eigen geschiedenis hebben. Wij helpen u graag met interieuradvies. Inspiratie voor een kerst in stijl vindt u in een groot, eigengereid en nieuw aanbod van decoratieartikelen die net dat tikkeltje meer smaak hebben zonder dat u daarbij een fortuin moet uitgeven. Nieuw zijn de prachtige, romantische items van de Franse collectie “Mathilde M.” (waarvan u bij ons de Shop in Shop vindt), die de geschikte aanvulling zijn voor de selectie van o.a. “Clayre & Eef” en “Ma Maison”… Engeltjes en rozen, traditionele eindejaar kleuren zoals rood, groen, wit en natuurtinten, in een handomdraai creëert u een warme welkome sfeer in huis. Eenvoudig en juist daardoor opvallend tafellinnen, lopertjes, bijpassende servetjes, enz. liggen hier op u te wachten voor uw schitterend gedekte feesttafel. Onze speurtocht naar geschikte items voor de zaak leverde ook weer heel wat nieuw materiaal op voor onze kerstbomen. “Marjolein Bastin” tekende ook dit jaar de nieuwe agenda’s, kalenders en kerstkaarten. En voor de verzamelaars : een heel aanbod van “Boyds” raisin en pluche beren, poppen en prachtige engelen om uw collectie aan te vullen vindt u in het Berenkamertje.
Verras uw vrienden en familie met een origineel eindejaarsgeschenk(je) dat u bij ons vindt, succes gegarandeerd !

Dus noteer alvast op uw kalender zaterdag 9, zondag 10 en maandag 11 november. Van ganser harte heten wij u welkom telkens van 13 tot 18 uur in onze heringerichte zaak. (onze Open Deur dagen starten op 9 november, niet eerder… Wij werken zoals steeds tot de laatste minuut om u vorstelijk te kunnen onthalen en kunnen dan nog de laatste hand leggen aan de schilder- en decoratiewerken!

Onze host vraagt u een bonnetje in te vullen en in ruil daarvoor krijgt u een waardevolle goodiebat (één per gezin), waarmee wij en onze sponsors u verwennen. Hopelijk tot 9, 10 of 11 november 2013 ?

 

Lees meer

close

Op reis in het verleden, een interessante ontdekking.

Een hit in het nieuws : "vorig jaar (in 2012) kwamen wereldwijd en voor het eerst in de geschiedenis meer dan 1 miljard toeristen aan op hun eindbestemming" (cfr Humo). Natuurlijk vragen wij ons als antiekhandelaars en geschiedenis-nerds af, was er in het verleden ook al gelegenheid om vakantie te nemen, om op reis te gaan en hoe ging dat dan in zijn werk ? Wie kon en wilde er op reis gaan ? Ging men om te leren of om zich te ontspannen ? Een interessante reis terug in het verleden...

16e en 17e eeuw.

Reeds vanaf de 16e eeuw ondernamen jonge edellieden een "grand tour". Het was een heel exclusief gegeven, eenmalig en een soort ritueel. Door alleen op reis te gaan als jonge kerel tussen de 18 en 27 jaar, ondervond en bewees men dat men op eigen benen kon staan. De jongelui waren gemiddeld twee tot drie jaar onderweg, dus was deze "grand tour" meestal weggelegd voor de vrijgezellen. Een reis zoals deze kostte begin 18e eeuw ongeveer vier tot vijfduizend Brabantse guldes, peperduur dus, en enkel te consumeren door rijke koopmannen en mensen uit centraal en stedelijk bestuur in onze contreien, in Engeland voornamelijk de landadel.

Meestal werd via Brussel naar Parijs gereisd, beschikte men over meer geld dan kon men verder doortrekken naar Engeland. Parijs was het politieke en economische middelpunt van Europa en werd dus als hip en trendy beschouwd. De dandy's konden er allerlei bezienswaardigheden bezoeken, shoppen en kunst gaan bekijken. Maar ook de connecties met de plaatselijke beau monde werden uitgebouwd. Het was belangrijk over een zekere status te beschikken zodat men de nodige introductiebrieven kon voorleggen om in bepaalde kringen te worden voorgesteld. Wat men daar leerde, kon men thuis overbrengen. En men kon prat gaan op bezoeken en/of gesprekken met belangrijke adel en vorsten. Ook de kastelen langs de Loire die reeds antiek waren in die tijd en de academies waren belangrijke trekpleisters. Vaak werden de Romeinse overblijfselen in Zuid Frankrijk bezocht; steden als Nimes, Orange en Arles waren zeer in trek. In de 16e en 17e eeuw keerden de meeste reizigers terug naar huis via Lyon en een kort bezoek aan Noord Italië.

Het educatieve aspect was het belangrijkst, er mocht plezier gemaakt worden, men mocht de modesalons bezoeken en protserige kleding aanschaffen of deelnemen aan bals en banketten, maar men moest ook iets opsteken van de reis. Men verwachtte thuis dat je terugkwam met een academische graad van een prestigieuze universiteit uit Frankrijk of Italië. Eén of twee weken studie waarna men een examen aflegde, t.t.z. je moest je onderwerp voor een jury verdedigen waren meestal wel voldoende. Deze doctorstitel was veelal een mooie extra aanvulling op het diploma behaald in Leuven of Leiden. De jongelui die het klassieke Romeinse recht hadden gestudeerd in onze universiteiten, bezochten vaak parlementen en woonden belangrijke gemeenteraden bij tijdens hun grand tour.

Door op reis te gaan leerde men ook andere "manieren". Hoe gedraag je je bij een dame, hoe moet je bewegen, paardrijden, schermen, dansen, enz.... In de Loirestreek kon je je vervolmaken in dans en ruiterij. Raakte je aan een positie aan het hof, dan kon je je opgedane kennis toetsen aan de omgeving. De Franse en Italiaanse hofdansen bv waren totaal niet te vergelijken met onze boerse volksdansen. Ze bestonden uit ingewikkelde patronen met stappen en gebaren die minutieus dienden uitgevoerd te worden.

17e en 18e eeuw.

Grote steden als Rome, Venetië en Napels, kleinere steden als Bologna, Milaan en Turijn waren de uitverkoren vakantieplaatsen in de 18e eeuw. Vanaf deze tijd zie je in nalatenschappen soms ook kwitanties opduiken van toegangsgelden voor sommige favoriete plaatsen. De grand tours werden kunst en cultuurreizen. Men leerde belangrijke schilders en beeldhouwers kennen, discuteerde in de salons met dichters en geleerden. Nog een eigenaardigheid in de laat 18e eeuw is de interesse in de achterbuurten van grote steden. Vooral de reizende geleerden deden deze plaatsen aan. Men ging verkrotte achterkamertjes bezoeken en ging dan op zoek naar oorzaken en oplossingen. Verbeteringsgestichten waren een populaire attractie : het krankzinnigenhuis Bedlam wou iedereen gezien hebben, evenals het Rasphuis in Amsterdam (verblijfplaats of gevangenis voor bedelaars en kleine criminelen).

Vanwege haar rijke koloniën was Groot Brittannië één van de rijkste landen ter wereld met een zeer rijke bovenklasse. Deze welgestelde jongeren reisden tussen hun opleiding en carrière rond door Europa om bij te leren over de tradities, kunst en architectuur op het vasteland. Er was wel wat verzet tegen deze Grand tours op het vasteland omdat de jongeren met hun trip de economie van rivaliserende landen zoals het Roomse Rijk en Frankrijk spekten. In deze periode verbleven de reizigers vaak in de woningen van de Britse ambassadeurs, de herbergen waren niet erg hygiënisch en men kreeg beter eten en een mooier verblijf bij deze afgevaardigden. Ook het gezelschap was van "dezelfde stand" en dus aangenamer. Deze Engelse jongeren droegen geen contant geld met zich mee, ze kregen kredietbrieven van hun bank. Deze maatregel voorkwam dat ze bestolen zouden worden door struikrovers. Door de Franse revolutie in 1789 kwam er een voorlopig einde aan de Grand Tours van de Engelse jongeren op het Europese vasteland.

Uiteraard boekte men zijn reis niet bij een reisagentschap. Zeldzaam waren de reisgidsen die je beschreven wat je moest zien en welke kennis je je moest eigen maken. Men kon wel lokale reisgidsen inhuren die je wegwijs maakten in de streek waar je vertoefde. Het was vooral in de 17e eeuw echter heel populair om je eigen private gouverneur mee te nemen op reis. Een oudere professor of onderwijzer die reeds reiservaring had, kennis had van vreemde talen en die tevens als een soort chaperonne fungeerde. In de loop van de 18e eeuw werden commerciële uitgiften gedaan van reisgidsen, die vaak acht tot negen herdrukken kenden. Herbergen en hotels in populaire oorden specialiseerden zich in toerisme.

Ook toen reeds klitten nationaliteiten samen in cafés of verblijfplaatsen, in Hotel Bristol in Parijs kwam je voornamelijk Engelsen tegen.... Strandtoerisme kende men nog niet. Wel gingen minder begoede zakenlui al eens een maand naar Parijs of London, een citytrip avant la lettre. Eind 18e eeuw maakte men een cruise op de Rijn of de Maas, de natuur met bossen, rotspartijen en watervallen werden uitgebreid bewonderd. De watervallen van Coo waren voor deze mensen een favoriete bestemming.

De reizigers huurden soms een herbergkamer, of indien meer begoed, een meerkamerappartement. De Engelse edellieden reisden immers meestal met grote gezelschappen : tien tot twintig bedienden, koetsiers, secretarissen, wasvrouwen, enz.... In de Nederlanden werd met kleinere reisgezelschappen rondgetrokken. Nederlanders en Vlamingen huurden meestal ter plekke personeel in. Blijkbaar reisden in onze contreien vooral de stedelijke elite, niet de aristocratische lieden, daarom ook dat een grand tour bij ons in de Nederlanden nogal een vulgaire reputatie bezat in die tijden.

Alleen tussen Parijs en Brussel waren er vaste lijndiensten met koetsen in de 17e eeuw, dus kocht men meestal een paard aan. Eens Parijs voorbij galoppeerden de reizigers van stad naar stad. Pas in de achttiende eeuw werden diensten per diligence ingelegd tussen de grote steden die personen en post ter plekke brachten.

18e en 19e eeuw.

In het begin van de 19e eeuw ging men heel primitief klimmen op bergen en gletsjers, een avontuurlijke en korte vakantie voor een aantal lagere elites zoals advocaten, dokters en notarissen die het konden betalen. Transport wordt goedkoper, men legt steenwegen aan en trekschuiten worden gebruikt voor reizen via het water. Ook in Nederland maakt men korte, binnenlandse plezierreisjes, bv naar Katwijk aan zee. Men maakte vooral strandwandelingen, zonnen en zwemmen waren nog "not done". Het kusttoerisme begint zich in de 19e eeuw ontwikkelen. Korte reisjes kunnen nu ook ondernomen worden door de avontuurlijker dames. Vijftigers en zestigers gaan eveneens reizen. De druk om te studeren tijdens de reis verdwijnt, de nadruk ligt nu op amusement en vermaak. Reizen wordt seizoensgebonden, tussen juni en september nemen de meeste mensen die het zich kunnen permitteren vakantie.

In Oostende worden de eerste hotels door de Engelsen gebouwd. Onze kust was voor hen gemakkelijk bereikbaar en exotisch. Leopold I was verknocht aan Oostende, het herinnerde hem aan zijn eerste Engelse echtgenote. Hij liet een spoorlijn Brussel Oostende aanleggen in 1835. Maar het is Leopold II die omstreeks 1860 Oostende een grandeur gaf door majesteuze gebouwen op te trekken. Er ontstaan kuuroorden aan zee, een hele lijst ziektes kan genezen worden (sic). Kursalen (Kur en Saal) worden opgetrokken.

Voor de ambachtslui zijn er de korte reisjes van drie, vier dagen met de trekschuit naar de stad om zich te amuseren op de kermis. Een lange periode, vooral tijdens het Ancien Regime, konden de gewone werkmensen zich géén meerdaagse reis veroorloven. Maar door de verbeterde werkomstandigheden naar het eind van de 19e eeuw kunnen ook fabrieksarbeiders, lage ambtenaren en kleine winkelbedienden zich een reisje naar de Belgische kust veroorloven. De overheid gelast de spoorwegen die ondertussen ook actief zijn, om goedkope pleziertreinen in te leggen. Tegen een schappelijk tarief reden ze zondags naar de kust. In Oostende "reklameren" de burgerij dat hun stad wordt overspoeld door dagjesmensen. Deze rijken trekken weg naar Den Haan en Knokke Zoute, de tendens van vandaag is gezet...

 

Lees meer

close

Leda, zitmeubelen met een hart én een echt Belgisch product !

Den Ouden Overzet is na 30 jaar uitgegroeid van een exclusieve antiekzaak, naar een winkel met karakter,
waar iedereen die zijn hart verloren heeft aan een sfeervol landelijk interieur, zeker zijn gading vindt.
Daarom werd de naam aangepast naar : "Antiek en Interieur Den Ouden Overzet".
 
Naast een zeer groot aanbod van antieke en maatwerk meubelen worden bij Antiek en Interieur Den Ouden Overzet
te Melsele, onder andere ook een zeer mooie en degelijke collectie zitmeubelenaangeboden van het merk Leda.
Leda zitcomfort is een puur Belgisch product.
Prijs / kwaliteit is in evenwicht : u krijgt steeds een super kwalitatief afgewerkt product voor een redelijke prijs.
Mogen wij u 20 goede redenen geven om van Leda te houden ?
 
1. Koop met een hart : niet alleen verschaft u werkgelegenheid in eigen land, maar voor elk verkochte fauteuil
of bankstel gaat een percentage van de winst (minimum 0.8 %) naar een goed doel om weeskinderen betere
levenskansen te geven !
 
Hoge afwerkingsgraad :
2. alle bijgeleverde rug- en zitkussens zijn keerbaar gestoffeerd
3. de kussenhoezen zijn afneembaar en kunnen vervangen of bijbesteld worden
4. het zitgedeelte van de romp is afgewerkt met een antislipband, het kussen verschuift niet
5. de zetelbies is afgewerkt met een hoogwaardig polyester, het houdt zijn vormdoor de jaren heen
6. perfecte estetische afwerking, alle detail zijn steeds met zorg en liefde afgewerkt.
 
Semi-maatwerk :
7. het zitmeubel is variabel in breedtes en hoogtes en eventueel individueel aanpasbaar
8. u kan kiezen uit een ruim assortiment stoffen of u laat bekleden met uw eigen stof
9. u kan extra kussens of voetbanken bijbestellen in verschillende afmetingen en kleurencombinaties
10. voor de vulling van het zitkussen kan u kiezen uit hoogwaardige latex voor een zachte en toch stevige sit of
hoogwaardig koudschuim (40 kg/m3 densiteit) voor een harde zit
11. u kan stof bijbesellen om bv bestaande eetstoelen of fauteuils te latenherstofferen en zo te combineren met
uw nieuwe bankstel of fauteuil.
12. heeft u uw model zitbank liever met één kussen ipv van twee ? Dat kan !
 
Kwaliteitsvolle materialen :
13. er worden steeds hoogwaardige stoffen met een hoge kleurechteid en grote slijt-en wrijfweerstand gebruikt
(tot 100.000 toeren Martindale en zelfs meer !)
14. de kwalitatieve nozagveren worden met een speciaal vilt afgedekt, dit voorkomt stofslijtage
15. de vulling van het rugkussen met Fibrefill is verdeeld in compartimenten om inzakken te voorkomen
16. ook de vulling van het latex zitkussen is in compartimenten verdeeld en voorkomt doorzitten
17. de dragende delen van het frame zijn in beuk (dit stevige hout zal niet doorbuigen of breken)
18. door de kwaliteit van onze materialen is ergonomisch comfort verzekerd
 
Made in Belgium :
19. alle Leda zitmeubelen worden in België geproduceerd : kwaliteit en service zijn onze passie
20. daardoor bedraagt de levertermijn ook maar ongeveer 8 weken !
 
Is het verwonderlijk dat Antiek en Interieur gekozen heeft om met Leda in zee te gaan ? Door met dergelijke
producenten samen te werken, kunnen we kwaliteit leveren aan onze klanten en hoeven we het vertrouwen nooit te
beschamen.
Bovendien garanderen wij u steeds debesteprijs, u mag steedskomen vergelijke !
U kan de kwaliteit van de Leda salons steeds komen uitproberen in onze show-rooms.
 
 

Lees meer

close

Gewoon... enkele leuke weetjes

Het is vakantie... komkommertijd.
We houden ons nieuwsrubriekje wat luchtig met enkele leuke weetjes waarvan de herkomst terug te zoeken is in ons verleden...
Geniet ervan !
 
De kluts kwijtraken.
(Van zijn stuk gebracht, niet meer weten wat te doen).
 
Wat is in vredesnaam een kluts en hoe kan je hem/haar dan kwijtraken zullen velen zich afvragen.
In het Diets of Middelnederlands betekende een "cluts" een vierkant beslagen houtblokje of stok.
Wanneer men toen "zijn kluts kwijt was" betekende dat eigenlijk dat men het vierkante houtje of de stok kwijt was waarop de uiteengerafelde
wol gewikkeld werd alvorens te spinnen. Liet men de kluts uit de hand vallen, dan kon men beginnen zoeken...
 
Konkelfoezen met elkaar.
(samenzweren, iets bedisselen, onverstaanbaar maar zichtbaar met elkaar praten)
 
De kluts was ook wel gekend onder de naam "spinrokken" of "konkel". Spinsters die samenwerkten "konkelfoesden".
 
Mansarde.
(zolderkamertje of kleine ruimte onder de pannen)
 
De Franse architect François Mansarde (1598-1666) was een van de beroemdste architecten van zijn tijd tijdens de Lodewijk IV stijl.
Hij tekende het Mansardedak, waarbij het dak niet van goot tot nok in één vlak werd doorgetrokken, maar in twee platte vlakken die
in een stompe hoek samenkomen.
Zulk een "gebroken" dak werd een "comble à la Mansard" genoemd en een kamertje dat pal onder zulk dak lag was een
"mansardekamer".
 
Engeltjes.
 
Tijdens de Middeleeuwen waren engelen steeds mannelijk. De laatmiddeleeuwse schilders echter stelden hen graag voor met
meisjesachtige trekjes. Nog later kwamen ze in de kunst uitsluitend voor als kinderhoofdjes met een begeleidend vleugeltje,
wellicht begon men in het artistieke milieu zelf te twijfelen of engeltjes dan wel mannelijk of vrouwelijk waren. Zelfs in de kerk hield
men zich met deze "problematiek" bezig. Er werden tal van concilies gehouden met de vraag of het nu jongetjes of meisjes waren,
maar ook de clerus bereikte geen consensus. Laten we iedereen maar een persoonlijke interpretatie en ondertussen "een" of "het"
engeltje zeggen....
 
Witte bruidsjurk.
 
Reeds in de Angelsaksische tijd huwde men in een witte jurk. Maar tot en met de 18de eeuw waren het bv. in Engeland voornamelijk
de arme bruidjes die in sober wit naar het altaar gingen. De bruid verklaarde daarmee dat ze geen bruidsschat of -eigendommen
meebracht in het huwelijk en dat haar echtgenoot ook niet verantwoordelijk kon zijn voor haar eventuele schulden. De kleur van de
maagdelijkheid was blauw. Rijkere bruidjes huwden dan ook in het blauw.
 
Hannekesnest.
(rommelhoop, een familie met kopzorgen en problemen)
 
Er zijn verschillende verklaringen te vinden voor deze uitdrukking.
Zoals op de vroegere boerderijen een "hennen"- of "hanennest" in het stro.
Of een eksternest vol met rommel die hier en daar gestolen werd. Een ekster word immers in bepaalde streken ook een "Anneke",
een "Janneke" of "Nen Hannek" genoemd.
Maar de leukste vind ik deze : rond 1710 kwamen landarbeiders of loonwerkers uit Westfalen naar Nederland om te helpen hooien. Deze
mannen stonden bekend als lompe kerels. In de schuren waar zij meestal in het hooi sliepen, stalden zij hun bezittingen uit rondom hun
slaapzak zodat het meestal nogal snel een echt "hannekesnest" werd.
 
Zo beu als koude pap.
(genoeg van iets hebben)
 
Welke pap ??? Deze pap bestond uit een dikke brij van in water gekookte boekweit. Afgekoeld in aarden schotels was het resultaat een
lichtgrijze substantie die er niet echt smakelijk uitzag. Iemand die honger had kon een paar lepels uitscheppen en aanlengen met nog
meer water of een beetje melk. Voedzaam was dit voedsel wel, maar ook smakeloos. Wanneer men dagenlang niets anders dan deze
brij moest eten dan werd je dit uiteraard "zo beu als koude pap".
 
De kop van Jut.
(slachtoffer zijn)
 
Hendrik Jut was een jonge Nederlander die samen met zijn vrouw een gruwelijke moord pleegde op een dienstmeid en haar mevrouw.
Na deze laffe daad vluchtte het moordenaarskoppel naar de Verenigde Staten en nog later naar Zuid Afrika. Na drie jaar kwamen ze terug
naar Nederland omdat ze niet konden wennen in deze vreemde landen. In een dronken bui verklapte Jut zijn geheim. Het echtpaar werd
aangehouden en veroordeeld op 29 april 1876 tot levenslange opsluiting. De doodstraf was immers nog niet zo lang geleden afgeschaft (1870).
De mensen eisten echter een zwaardere straf...
Een handige kermisexploitant maakte van de woede van de massa handig gebruik door hen uit te nodigen hun woede en kracht bot te vieren
op zijn krachtmachine met hamer, die hij de naam "kop van Jut" noemde. Het werd een gigantisch succes.
Hendrik Jut stierd op 27 jarige leeftijd in de gevangenis van Leeuwarden.
Er komt nog een "pikant" staartje aan dit verhaal... Het hoofd van Hendrik Jut werd tot in 1969 op sterk water bewaard in het museum van
Groningen. Vele jaren later wilde men af van dit macabere curiosum en gaf men orders het hoofd te cremeren. In 1989 dook het echter
terug op : het was al deze jaren bewaard gebleven in een achterkamertje van het Leyenburgziekenhuis in Den Haag......
 
Op de lappen gaan.
(uitgaan, veel gaan drinken)
 
In het Diets of Middelnederlands was een lip een "lippe" of "leppe" (zoals nu ook nog in vele Waaslandse gemeentes de uitspraak is).
"Labberen" of "lebberen" zijn de verouderde termen voor "slurpen" en "likken" die dan weer terugslaan op drinken....
 
(al deze weetjes vonden we terug in "het beste uit De Frut" GVA.)
 
Nog een leuke afsluiter is dit verhaal uit 'De Klok van het Land van Waes" van 5 maart 1871.
 
"5 meert 1871.
Te Maurfield (Ohio), Vereenigde-Staten mag een getrouwd man in een herberg geen drank gebruiken, tenzy voorzien van een briefje
zyner vrouw aen den herbergier in dezen vorm 'Hierby magtig ik u, mynen echtgenoot zooveel drank te geven als hy verlangt, verdragen
en betalen kan.' ".......
 
.......... heeft u zelf ook nog zulke leuke of interessante weetjes ? Stuur ze ons door, wie weet gebruiken we jullie "weetjes"
volgende komkommertijd ?
Gewoon... enkele leuke weetjes
 

Lees meer

close

Oost Vlaams bedrijf pakt in het Waasland uit met exclusief concept.

Antiek en Interieur Den Ouden Overzet is fier op de nieuwe samenwerking met Van Landschoot slaapcomfort, een Belgische onderneming met allure. Van Landschoot brengt een volledig nieuwe en exclusieve bedden- en matrassencollectie “Henson” voor de slaapkamer op de markt en de gekende interieurzaak uit het Waasland presenteert graag dit Belgische topproduct in onze streek.

Een goede nachtrust is onontbeerlijk of zoals de firma Van Landschoot het zegt “One good night can be life changing”. Deze firma uit Maldegem staat reeds sinds 1925 garant voor slaapcomfort. Naast het vertrouwde Van Landschoot gamma, pakken zij nu uit met een exclusief en luxueus concept “Henson Design”. Zij zochten hiervoor een betrouwbare verdeler in het Waasland en kwamen op hun zoektocht terecht bij Antiek en Interieur Den Ouden Overzet.

Het assortiment van de zaak werd eveneens aangepast. Niet alleen word er nu antiek verkocht, maar ook het hedendaagse landelijke komt aan bod : nieuwe, massieve kasten en tafels op maat, salons van Leda (eveneens een Belgisch merk !), Loom stoelen van een Nederlandse producent en dan nu een aanbod van boxspring bedden en matrassen van Van Landschoot en zijn paradepaardje “Henson Design”. Op deze manier hopen de zaakvoerders een totaalpakket van hedendaags comfortabel en gezellig interieur te kunnen aanbieden. En dit met garantie van korte leveringstermijnen.

De samenwerking tussen fabrikant en verkopers ging niet over één nacht ijs: het is immers niet vanzelfsprekend om je product van kwalitatief slaapcomfort aan de klanten aan te bieden via een antiek en interieurzaak. Maar de eigenzinnige en originele aanpak sprak beide partijen aan. Temeer omdat Antiek en Interieur Den Ouden Overzet staat voor kwaliteit en vakkennis. De zaakvoerders werden dan ook opgeleid om de slaapproducten grondig te leren kennen en aldus hun klanten correct te kunnen informeren. Volgens Van Landschoot is prijs één gegeven, maar moet daar altijd kwaliteit tegenover staan, en doordat zij alles zelf produceren hebben zij een perfecte controle over zowel de kwaliteit als de prijs. No-nonsense en geen overbodige marketingkosten, zodat de consument deze extra kosten niet hoeft te betalen. Dat resulteert in scherpe prijzen.

De slaapkamer is de plek bij uitstek om na een drukke werkdag tot rust te komen, de meest intieme en private kamer in een woning. Bij het inrichten is het dan ook belangrijk om een ontwerp te maken dat gezelligheid en warmte uitstraalt, maar ook en bovenal comfort aanbied. Een modern, luxueus bed kan uitstekend gecombineerd worden met een romantische kast in massief hout. De combinatie van traditionele meubelen en landelijke sferen met modern slaapcomfort doet je wegdromen. De klant moet vooral zorgen dat kleuren op elkaar afgestemd zijn, durf oude kasten en meubelen eventueel een likje verf te geven. Verder is het uiteraard noodzakelijk te kiezen voor de juiste matras. Iedereen is anders en dus slaapt ook iedereen anders.Maar uiteindelijk wil iedereen hetzelfde : een goede nachtrust. Door de jarenlange ervaring als fabrikant van bedden en matrassen weet Van Landschoot als geen ander alles over de technische en medische kant van matrassen. Zij leren de zaakvoerders van Antiek en Interieur Den Ouden Overzet gerichte vragen te stellen zodat zij erachter komen wat u wenst en wat uw lichaam nodig heeft en u het juiste advies kunnen geven bij de inrichting van uw droomslaapkamer.

Zowel Antiek en Interieur Den Ouden Overzet als Van Landschoot zijn ondernemers die steeds in beweging zijn. Den Ouden Overzet startte ongeveer 30 jaar geleden met de verkoop van exclusieve antieke meubelen in Burcht, op de Kaai aan de Schelde, wat de naam van de zaak verklaard. De zaak verhuisde naar een groter pand in Zwijndrecht en toen ook dat uit zijn voegen barstte verhuisde de zaak naar de verrassend grote vestiging in Melsele. De winkel is immers véél groter dan men op het eerste zicht zou vermoeden, een groot deel van de zaak loopt door achter de woningen van de Grote Baan en strekt zich uit tot in de IJzerstraat.
Oost Vlaams bedrijf pakt in het Waasland uit met exclusief concept.
 
Oost Vlaams bedrijf pakt in het Waasland uit met exclusief concept.
 
Oost Vlaams bedrijf pakt in het Waasland uit met exclusief concept.
 
Oost Vlaams bedrijf pakt in het Waasland uit met exclusief concept.
 

Lees meer

close

De Gilden : beroepsverenigingen avant la lettre....

Je kennis delen, leren van je collega's, samen ideeën uitwerken, nieuwe dingen ontdekken, dat kan allemaal in een beroepsvereniging. Denkt u dat de beroepsverenigingen iets uit onze moderne tijden zijn ? Dat is fout gedacht, denk maar aan de geschiedenislessen op school.... daar sprak de leerkracht over de Middeleeuwse gilden. Deze gilden zijn de voorlopers van de hedendaagse beroepsverenigingen en daar gaan we in dit hoofdstuk even verder op in.
 
 
Zelfs bij de Romeinen kende men al een soort gilde, de zgn "collegia", waar mensen met een welbepaald beroep zich vrijwillig konden aansluiten. Dit waren echter volledig vrijwillige groepen en men voorzag geen speciale regels of beperkingen voor de aangeslotenen. Ook werd onderlinge concurrentie niet gereguleerd.
 
Met de verdeling van het werk, werden vanaf de 13e eeuw in onze contreien de Gilden opgericht. Deze gilden die voor ieder denkbaar beroep in het leven werden geroepen hadden strikte regels. Kinderen, horigen en Joden mochten niet toetreden tot deze verenigingen. Dit is ook de reden dat Joden zich veelal bezighielden met eenvoudiger beroepen en met de geldhandel, daar de middenstand voor hen uitgesloten was. Vrouwen oefenden geen ambachten uit, dus konden zich uiteraard ook niet aansluiten.
 
De Gilden reguleerden de onderlinge samenwerking en overeenkomsten van de ambachtslui. Zij beslisten of productiekosten stegen of daalden en ieder lid had zich daar aan te houden om geen valse concurrentie toe te laten. Ook over de kwaliteit van het werk werd streng geoordeeld. Werd er minderwaardig werk afgeleverd dan werd de eer van de ganse beroepsgilde aangetast. Een lange leertijd, het juiste uitvoeren van de technische details, het gebruiken van de juiste materialen, het realiseren van een meesterwerk, een proef afleggen voor de technische capaciteiten.... en het betalen van een behoorlijke som geld voor de aanvaarding in de gilden waren zeker vereisten. Jongens werden op zeer jonge leeftijd in dienst genomen bij een gildenmeester. Na verloop van tijd, wanneer de gildenmeester vond dat de jongen voldoende capaciteiten had en geschikt werd geacht voor het beroep werd hij benoemd tot gezel. De gezel werkte in loondienst voor de meester. Eenmeesterproef werd afgelegd na een lange leerperiode (soms tot 9 jaar) en wanneer de gezel slaagde in deze proef mocht hij zichzelf meester noemen. Hij kon dan een eigen ambachtelijk atelier oprichten. Indien een meester een opvolger moest aanstellen werd gemakkelijker gekozen voor een zoon van een meester dan voor de zoon van een kunstschrijnwerkerOefende je een beroep uit dat zijdelings met een bepaalde gilde te maken had, dan moest je je bij die gilde aansluiten en contributie betalen. Zulke ambachtslui werden halve gildewinners of aanwerpelingen genoemd.
Eénmaal per jaar kwamen de gildeleden bijeen en werden nieuwe leden aanvaard, nieuwe regels goed- of afgekeurd en een nieuw bestuur of functionarissen verkozen.
Ambachts ateliers werden gecontroleerd door deze gildefunctionarissen ; hield men zich aan de regels, was het werk van goede kwaliteit, werd de contributie betaald, produceerde men wat overeengekomen was...
Van grotere Gilden is nog heel wat informatie beschikbaar omdat er documenten i.v.m. structuur en werking werden opgesteld.
 
Lid zijn van een Gilde, kon grote invloed hebben op je leven. In sommige steden werd je een vrij man wanneer je aanvaard werd als Gildebroeder. Vaak had je niet alleen het recht om een bepaald beroep uit te oefenen, maar verkreeg je ook een soort sociale zekerheid.
Je gilde steunde je in moeilijke tijden zoals bij ziekte of ouderdom.
Bedoeling van de gilden was voornamelijk om je ambacht en de marktwaarde ervan te beschermen. Vermits er bepaald werd hoeveel een product mocht kosten en hoeveel er mocht geproduceerd worden, was je zeker van je inkomen.
Benevens de ambachtsgilden waren er ook nog koopmansgilden, schuttersgilden en handelsgilden.
Iedere vereniging hadt ook zijn eigen schutspatroon.
 
Voor de houtbewerkers was dat Sint Jozef. Ook hier werden de verschillende ambachten nog eens in categoriën ingedeeld.
De schrijnwerkers aan wie het werk werd toegewezen mochten het ruwe hout bewerken naar bruikbaar meubilair-hout. Voor de koffermakers kende men de gilden van de Huchiers. De houtkunstenaars stichtten eigen wijken zoals de fameuzeFaubourg Saint Antoine in Parijs. Er waren kunstenaars die het privilege bezaten om te mogen werken en zelfs wonen in de Koninklijke Paleizen van het Louvre.
 
Vanaf de 17e eeuw splitste de gilde van de houtbewerkers zich op in twee grote rangen : de menuisiers of de schrijnwerkers, die de regionale meubelen en/of de naturelle meubelen mochten fabriceren, en de ébénistes die het recht was voorbehouden meubelen te mogen maken met inlegwerk, marqueterie en placage.
Verder waren er ook nog de andere beroepen die nodig waren voor het vervaardigen van de prachtige meubelen, opgesplitst in verschillende specialiteiten : de bronziers(die zorgden voor beslag in koper en brons), de vernisseurs (die zorgden voor het polieren en lakken van de meubelen), de doreurs (zij verzorgden het verguldsel op de kasten), de sculpeurs (of de beeldhouwers voor snijwerk), enz.
 
De gewoonte om zijn werk te signeren kunnen wij dateren vanaf 1730. Bij Koninklijk Besluit werd een decreet uitgevaardigd dat het merken van de werkstukken verplichtte in 1751. Het merkteken, de signatuur van de kunstenaar, is een gegraveerde metalen stempel die het merk in de meubelen brandde of schroeide, dit op een onopvallende plaats. Dit teken is dikwijls vergezeld van het teken JME, een merkteken die bevestigde dat de taks voor het meubel vastgesteld was door de gilde.
Een meubel kon echter nog meerdere stempels dragen ; deze van de beeldhouwer, de marquetuer, de bronzier, de vergulder, de handelaar, enz... Verder de stempel van de inboedel, de collectioneur of het kasteel....
Alhoewel het meubel geen meerwaarde in verband met de kwaliteit krijgt, hechten vele kandidaat-kopers een groot belang aan deze stempels, zodat uiteindelijk toch een aanzienlijke meerwaarde kan verkregen worden voor een gesigneerd meubel.
De Gilden : beroepsverenigingen avant la lettre....
 

Lees meer

close

Webwinkel Antiek en Interieur Den Ouden Overzet, ook te volgen op facebook !

Reeds 30 jaar zijn wij actief in de interieurbranche. Begonnen als kleine antiekzaak, maar steeds alles terug geïnvesteerd en héél hard gewerkt resulteert in één van de weinige, blijvende en grotere Antiek en Interieur zaken.
De collecties antieke meubelen, die met veel geduld en beroepsliefde bijeen gezocht werden en worden, zijn ondertussen aangevuld met nieuwe maatwerk meubelen. De kwaliteitsnorm van de antieke kasten blijft echter gehandhaafd, dat betekend dat ook AL onze nieuwe meubelen in massief hout dienen uitgevoerd te worden : geen MDF of andere houtvervangende producten ! Bij voorkeur gerecupereerd of hout, afkomstig van bomen die op een milieuvriendelijke manier gekweekt en gerooid worden, zodat ook de natuur er wel bij vaart.
Eveneens kan u een grote afdeling nieuwe geschenk en decoratieartikelen bij ons vinden. Originaliteit en betaalbaarheid naast kwaliteit leggen ook hier de lat hoog.
 
Wat publiciteit betreft of het bereiken van bestaande en/of nieuwe klanten, het profileren van onze zaak, hebben wij steeds gebruik gemaakt van de gedrukte pers. Zo kon u ons reeds terugvinden in Jet Magazine, Thema, Wonen Landelijke stijl (vroeger "Engels Wonen") en talrijke interieurmagazines. Ook in de toekomst zal u ons hier regelmatig terugzien.
 
Maar tijden veranderen, wij hebben reeds enige jaren onze websitewww.antiekdenoudenoverzet.be , die wij regelmatig (laten) aanpassen om u steeds het allernieuwste te laten zien. Er bestaan reeds enkele filmpjes van onze zaak, terug te vinden op o.a. onze site en You tube.
 
En sinds kort kan u ons ook volgen op facebook : de groep Antiek en Interieur Den Ouden Overzet vindt u terug op https://www.facebook.com/groups/212809532065889/?fref=ts
Een leuke manier om contact met de klanten en geïnteresseerden te houden en om elkaar beter te leren kennen !
De instellingen kunnen ten allen tijde aangepast worden om lid van de groep te blijven en dus contact te houden of een kijkje te nemen wanneer je wil, zonder direct je mailbak vol te krijgen met allerlei berichten die je niet interesseren.
 
En last but not least in onze "aanpassingen aan de moderne tijden" is onze web-shop die wij u aanbieden op onze site. Deze wordt nu systematisch gevuld met onze artikelen. Dat het nog even tijd vraagt voordat dit volledig in orde is, zal u wel willen begrijpen. Toch loont het al de moeite om ook daar eens rond te snuisteren.
Voor de verkopen per internet maken wij gebruik van een transportdient voor het verzenden van de kleinere pakketten.
De tarieven voor verzending in België variëren van 4,50 Euro tot 14.40 Euro voor een pakket met een maximum gewicht van 40 kg.
Meubelen dienen uiteraard door ons geleverd te worden, onder voorwaarden en na afspraak met de kopers. Maar wij veronderstellen dat de geïnteresseerden toch eerst nog zelf naar de zaak komen, om zich persoonlijk te vergewissen van de kwaliteit en uitstraling van de meubelen.
 
Wat de betalingen van deze verkopen per internet betreft, vragen wij voorlopig nog om het totaalbedrag over te schrijven op onze rekening. Andere betaal opties bekijken we nog even. Meer nieuws daarover later.
 
Op deze manier hopen wij contact met jullie te houden en een extra kanaal gevonden te hebben voor onze naambekendheid.
Laten wij besluiten zoals het op de "ouderwetse" manier gezegd werd :
 
"Men zegge het voort ".....
 

Lees meer

close

Meubeltjes van Thonet

Deze maand gaan we in op het verzoek van een van de klanten, om meer info over "Thonet" te verstrekken. Iedereen kent ze wel de meubeltjes van gebogen hout, de tijdloze modellen stoelen en fauteuils. Wisten jullie echter dat deze al meer dan 150 jaar geleden ontworpen en in productie werden genomen ?
 
Michaël Thonet (1796-1871) is de naam van de ontwerper. Hij werd geboren in Boppard am Rhein, Duitsland. Op 23 jarige leeftijd begon hij een eigen meubelwerkplaats waar hij de traditionele meubels maakte, in Biedermeierstijl, de stijl die toen populair was.
Nieuwsgierig als de jonge man was, experimenteerde hij met het buigzaam maken van hout. In de scheepsbouw werd er al gebruik van gemaakt. In Engeland kende men al de Hoopback Windsor stoel die een ronde rugleuning uit één stuk gebogen had. Ook de Amerikaan Samuel Gragg had reeds twintig jaar eerder een patent gekregen op een stoel die gemaakt was van verlijmd en gebogen fineer. Beide ontwerpen waren handmatig te maken stukken en niet geschikt voor massaproduktie en dus duur.
Meer dan waarschijnlijk wist Thonet in het kleine dorpje in Duitsland niets van deze beide experimenten, want hij probeerde gedurende vele jaren verschillende technieken uit met een al dan niet geslaagd resultaat. Helemaal tevreden was hij echter niet. Tot hij ontdekte dat je hout beter met stoom kunt buigen dan met kokend water ! Massief beukenhout en harde mahonie konden met stoom heel goed gebogen worden. Door de stoomtechniek was er nu veel minder tijd nodig om een stoel te maken, immers de rugleuning en achterpoten konden nu uit een lengte hout gebogen worden zodat het niet meer nodig was met de hand gezaagde verbindingen in elkaar te passen.
De Boppard armleuningstoel is het eerste meubelstuk dat Michaël Thonetvervaardigde. Deze armstoel was meteen een groot succes ! De dunne, gebogen metalen en houten onderdelen gaven de stoel een luchtiger uiterlijk dan de zware Biedermeier stoelen.
Prins Clemens von Metternich zag op een internationale tentoonstelling in Koblenz deBoppard stoel van Thonet in 1841. De prins raadde hem aan om zich in Wenen te vestigen, waar hij Thonet kon introdueren in de hoogste Weense kringen. Het waren echter moeilijke jaren voor Michaël Thonet. Hij bezat geen eigen werkplaats, zijn modellen waren op dat ogenblik nog te nieuw, te revolutionair. Men beschouwde ze meer als curiositeiten dan als funtionele meubelstukken.
Maar dan kwam er een opdracht binnen voor een paar honderd stoelen voor het paleis Liechtenstein in Wenen. De eenvoudige, lichte stoelen die in een gebeitste en in een vergulde versie geleverd moesten worden werden de Liechtenstein-stoel genoemd.
Deze stoel is een typisch product voor de ontwerpen van Thonet.
Opgebouwd uit slechts enkele onderdelen zoals een gebogen rug die in de achterpoten doorloopt, een circelvormige zitting met licht gebogen voorpoten : een decoratieve en snel te maken stoel. Deze twee kenmerken zijn typerend voor het succes van alle Thonet ontwerpen.
Uiteindelijk kon Michaël Thonet zijn eigen meubelatelier beginnen in 1849 en in 1851 opende hij zelfs al zijn eerste meubelfabriek ! In 1853 namen zijn zoons de firma over en werd het bedrijf "Gebroeders Thonet" genoemd. Michaël bemoeide zich niet meer met de financiële en organisatorische kant van het bedrijf, maar ging helemaal op in zijn favoriete bezigheid, nl het ontwerpen.
In 1859 ontwierp hij de stoel nr 14 (nummer 14 in de Thonet catalogus), de stoel waarmee hij wereldberoemd werd. Deze stoel lijkt veel op de Boppard stoel, lichtgewicht, gebogen beukenhout, eenvoudig van model, ijzerster en heel goedkoop. Het was in café Daum in Wenen dat deze stoel voor het eerst gebruikt werd. Dit populaire trefpunt voor journalisten was een uitstekende start. De journalisten waren laaiend enthousiast over deze lichte en comfortabele stoel en zij zorgden ervoor dat deze stoelen in zeer korte tijd bekend werden. Deze stoel kreeg de populaire naam "Daum stoel".
Een jaar later was het opnieuw prijs. Michaël Thonet ontwierp opnieuw een topper ; een prachtige gebogen houten schommelstoel, in de catalogus vermeld onder nummer 1.
Na het overlijden van hun vader in 1871, zetten zijn zoons het bedrijf voort. Ze gaven een catalogus met systeemmeubels uit, waarmee de klanten op een goedkope manier hun eigen interieur konden samenstellen. Kapotte onderdelen als een rieten zitting, kon gemakkelijk vervangen worden. De Thonetcollectie bestond al lang niet mere alleen uit banken en stoelen. Paraplubakken, wiegen, wandelwagens, wandklokken, bloemenstandaards, tafels, alles kon gemaakt worden uit gebogen hout. Er werden winkel geopend in Londen en New York, het aantal fabrieken werd uitgebreid tot zeven.
Auguste Thonet, een van de broers, kwam tot de constatatie dat er een nieuwe trend populaire werd, de stalen buismeubels. Besloten werd de modellen van bekende ontwerpers in stalen buizen uit te voeren. Het model "Freiswinger" van ontwerperMies van der Rohe, een gebogen buisstoel zonder achterpoten werd in 1927 een enorm succes dat nu nog iedereen kent. In de jaren dertig en veertig waren er weinig ontwikkelingen door de politieke situatie. Een kleinzoon pakte de draad weer op in de vijftiger jaren. Er werd vooral op massaprouktie gemikt, zodat Thonet meubels steeds vaker in openbare gebouwen werden gebruikt. Ook nu komen oude succesvolle modellen opnieuw in produktie. Het Daumstoeltje werd in 1960 opnieuw in de collectie opgenomen onder de naam "stoel nr 214".
In de jaren zeventig en tachtig gaat Thonet voor projectmeubels van bekende ontwerpers. De laminaatstoel S320 van Ulrich Bohme en Wulf Schneider wordt een groot succes en won verschillende internationale prijzen.
Thonet bestaat ondertussen reeds 192 jaar en de antieke Thonet's zijn echte collector's items geworden. Ze zijn schaars en duur, om niet te zeggen vrijwel onbetaalbaar.
In 1869 verliep het patent van Thonet op de gebogen houten meubels. Kleine meubelfabrieken fabriceerden vanaf toen miljoenen Thonetstoelen. Een echteThonet is echter onmiddelijk herkenbaar : ze zitten comfortabeler en zijn mooier van vorm. Een stempel in de zitting bevestigd de echtheid. Dit kan een stempel zijn "Thonet" of het brandmerk GT (Gebruder Thonet). Ook kan je een echte van een copie Thonet onderscheiden omdat bij de imitaties het materiaal even dik is, terwijl bij de echte op de plaatsen waar de twee onderdelen bij elkaar komen meestal wat dunner zijn.
Gebruik alvast ook de oude Thonet catalogi (die trouwens een voorloper waren voor o.a. de huidige Ikea catalogus) voor een duidelijk overzicht van de meubels uit een bepaalde periode.
Qua onderhoud is een Thonetstoel een makkelijk meubel. Ze zijn ijzersterk, de meest kwetsbare plek is de rieten zitting en deze kan je bij Antiek en Interieur Den Ouden Overzet laten herstellen. Thonet gebruikte voor zijn stoelen altijd riet, herkenbaar aan de open geweven gaatjes.
(bron: Ariadne antiek cursus november 1994)
 

Lees meer

close

Gietijzer in de 19e eeuw (André Godin)

In juni plaatsen we reeds een nieuwsbericht dat wij onze klanten nu ook kunnen verderhelpen met het inrichten van de landelijke badkamer. Niet alleen de (aangepaste) meubels maar ook de gietijzeren baden op pootjes en de reproducties van de antieke gietijzeren radiatoren kunnen wij leveren. Deze maand geven wij u nog wat achtergrondinformatie over het gebruik van gietijzer in het algemeen, in het verleden.
 
Gietijzer werd vooral in de 19e eeuw veelvuldig toegepast. Het is een ijzerlegering met een gehalte van 3 tot 4 % aan koolstof en tot 6 % aan silicum dat zijn vorm krijgt, zoals de naam al aangeeft trouwens - door het gieten in een vorm.
Het basismateriaal ijzer veranderd in de gewenste samenstelling van gietijzer tijdens het productieproces door legering of oxidatie van het teveel aan koolstof en silicum. Men kan het in deze toestand allerlei soorten warmtebehandelingen laten ondergaan.
Het overschot van de koolstof wordt daarbij meestal afgescheiden als grafiet. Er bestaan vele kwaliteiten gietijzer, die variëren van zeer bros tot zeer hard.
Gietijzer werd gebruikt voor de fabricage van machineonderdelen, voor de bouw van bruggen en gebouwen en voor diverse huishuidelijke voorwerpen. Slechts door de opkomst van staal in de loop van de 20ste eeuw vielen grote aantallen toepassingen van gietijzer weg.
In het midden van de 19e eeuw schafte men in vele huishoudens een gietijzeren kachel aan. De voordelen van een maximum aan warmteafgifte tegen een gering verbruik werden zeer op prijs gesteld. Voor veel antiekverzamelaars is een mooie gietijzeren kachel nog een vreemd gegeven... Voor de hard-dy verzamelaar van antiek worden deze kachels, die dus niet ambachtelijk gemaakt werden niet aanzien als "echt" antiek. Deze kachels werden immers reeds in grote reeksen in fabrieken geproduceerd.
De ontwerpers besteden echter veel aandacht aan het uiterlijk, zodat men ook nu nog soms echte pareltjes op de kop kan tikken. Een fraai markant uiterlijk is typerend voor deze 19e eeuwse kachels. Verzamelaars vinden ze zeker de moeite waard.
In heel West Europa (Tjechië, Ierland, Frankrijk, België) trof men fabrieken aan. Denken we aan de mooie Ierse voorzethaarden, de haardplaten die achterwanden van vuurplaatsen beschermden (reeds in de 17e en 18e eeuw) met pastorales, engeltjes, enz..
Echter, de vooruitstrevendste en nu nog steeds bekendste gietijzer fabrikant en -ontwerper is ongetwijfeld de Fransman André Godin (1817-1888) die gespecialiseerd was in gietijzeren kachels.
Reeds in 1840 startte de toen 23 jarige Godin in een boerengehucht in het hart van de Thierache, Esquehieres een bedrijfje in kachels. In 1842 begon hij wegens het grote succes een eigen metaalgieterij in een kleine loods, maar ook deze was al spoedig te klein.
Ondertussen werkte hij reeds met een 30tal werknemers en verhuisde hij naar Guise. Hij nam patenten op zijn ontwerpen en producten, maar deze werden toch ongestraft nagemaakt door de concurrentie. Desondanks groeide zijn bedrijf in hoog tempo. De belangrijkste reden van zijn succes was innovatie. Hij liet patent op patent vastleggen, verbeterde zijn producten op technisch en estetisch vlak en experimenteerde veel. Zo behield hij de eerste plaats op de gietijzer markt met zijn atelier/fabriek. Godin was trouwens ook een uitstekend manager. Een van zijn grote successen was het mechanisch gieten van ijzer.
In 1880 was zijn bescheiden werkplaatsje reeds uitgegroeid tot een bedrijf met 2000 werknemers ! Dit verbaasde veel van zijn tijdgenoten. Deze scepsis werd veroorzaakt door de geringe economische mogelijkheden van het Aisnegebied in Frankrijk. Deze regio lag ver verwijderd van grote verkeersaders en stedelijke markten en was bovendien arm aan grondstoffen. Godin bekeek het echter anders : in deze streek was een groot aanbod van potentiële werkkrachten die minder eisen stelden dan de arbeiders en werknemers in de grote steden. Zijn arbeiders toonden steeds een grote inzet om de Godin producten kwalitatief af te leveren. Godin aan de andere zijde, had als socialist veel over voor zijn arbeiders en zorgde voor sociale maatregelen ten gunste van zijn werknemers. Hij liet voor zijn arbeiders woningen bouwen, met een voor de 19e eeuw zeer hoge norm aan veiligheid, hygiëne en comfort. Hij zorgde er tevens voor dat zijn werknemers konden genieten van een uniek stelsel van sociale verzekeringen, hij stichtte scholen, stimuleerde een gezonde vrijetijdsbesteding en liet zijn werknemers zelfs medelen in een stelsel van winstdeling.
Tenslotte werd het bedrijf een co-operatieve arbeidersvereniging op initiatief van André Godin.
Tot in 1968 was het bedrijf nog productief, dat is 128 jaar !
Wanneer men de naam Godin hoort denkt men vandaag vooral aan de kachels die zijn naam dragen en die tot vele jaren na de 2e Wereldoorlog nog volop in gebruik waren. Uit bovenstaand verhaal blijkt echter dat hij ook toonaangevend was in het ijzergieten en dat hij tevens bekend is vanwege zijn vooruitstrevende sociale ideeën. Jammer dat daarvan minder terug te vinden is in de geschiedenisboeken !
(naar artikel uit Antiekencyclopedie van H. Halbertsma).
Gietijzer uit de 19e eeuw
 

Lees meer

close

De landelijke badkamer gezien door de ogen van Antiek en Interieur Den Ouden Overzet...

Sedert eind vorig jaar presenteren wij u, naast het gewone aanbod van antiquiteiten en landelijke meubelen en artikelen,
ook de specifieke inrichting voor de nostalgisch, landelijke badkamer. Heeft u hiermee nog niet kennis gemaakt ?
Dan moet u dringend eens een kijkje komen nemen ! Wij bieden u de inrichting van dergelijke badkamers aan,
aan de prijs waarvoor u bij de grote badkamer-special-zaken alleen het bad kan aanschaffen !!!
 
Heerlijk relaxen in onze nostalgische badkamers....
 
Laten we vooral duidelijk zijn : het is niet onze bedoeling om water- en douche kranen, leidingen en buizen en het
echte loodgieterswerk te verzorgen, het gaat wel degelijk alleen om de inrichting !
Maar waarschijnlijk leest u dit artikel omdat u ook droomt van de sereniteit en de gemoedelijkheid van een retro badkamer ?
Vandaag de dag kiezen inderdaad steeds meer mensen voor de rust en de sereniteit die een nostalgische badkamer uitstraalt.
Antiek en Interieur Den Ouden Overzet is goed geplaatst om uw wensen hierin te voorzien, en u hoeft absoluut niet bang te
zijn dat u geen budget heeft om uw droombadkamer realiseerbaar te maken... Integendeel, u zal versteld staan van de
mogelijkheden !
Wij zijn reeds meer dan 30 jaar gespecialiseerd in de restauratie en verkoop van antieke meubelen.
Door de hernieuwde interesse voor de "landelijke stijl" en de renovatie van oude woningen of de bouw van woningen in
pastoriestijl, is er een toenemende wens om niet alleen de woonkamer, slaapkamer of keuken, maar ook de badkamer in
deze stijl in te richten.
 
Voor de badkamer bieden wij u dan ook de mooie, romantische, opgeknapte of nieuw op maat gemaakte commodes met
een natuurstenen blad en een hedendaagse ingebouwde of opgeplaatste lavabo aan.
Om de ruimte helemaal af te maken en al uw spulletjes netjes te kunnen opbergen, kan u ook de andere rustieke en
landelijke kasten en spiegels of kleinmeubeltjes bij ons uitkiezen. Wij zetten deze in het kleurtje dat u wenst.
 
Leuke kapstokjes, originele toiletpapierhouders, een opvallend haakje : deze zaken worden regelmatig aangeboden en
het aanbod veranderd steeds.
 
Maar vergeet u vooral ook niet om - weg van de alledaagse drukte - heerlijk te ontspannen in een "authentiek"
gietijzen bad, al dan niet op pootjes. Een voorbeeld staat in de winkel.
En ook de nostalgische radiatoren in gietijzer, die de kamer optimaal verwarmen tijdens de killere dagen en die
meteen een grote meerwaarde bieden op estetisch vlak, kan u bij ons aan goede prijzen aanschaffen !
 
Rozengeur en ontspannen in een romantisch gietijzeren bad ...
 
De keuze van het badkamersanitair is van groot belang om een echte landelijke stijl te creëren in uw badkamer.
Wat tot nog toe onbetaalbaar was ligt nu binnen uw bereik. Voor een lekker ontspannen bad gaan we terug
naar oma's tijd met de nostalgie van een gietijzeren bad op pootjes. Onze absolute favoriet is de Slipper die
een lekkere steun biedt in de rug.
Na een hectische, drukke dag ontspannen in het warme kader van uw badkamer, een glaasje cava of champagne
binnen handbereik : heerlijk toch ? Het gietijzer houd de warmte van uw water lang bij, zodat u lekker extra lang
kan genieten van uw bad.
 
U kan uw bad ook een authentieke en persoonlijke touche geven met een speciale verf. Het gietijzeren bad kan u
immers aan de buitenzijde voorzien van een eigen kleurtje, een fijn motiefje of een monogram.
 
Houdt u echter meer van trendy ? Geen nood, ook dan kan een gietijzeren bad perfect geïntegreerd worden in de
combinatie met retro.

Rozengeur en ontspannen in een romantisch gietijzeren bad ...  Rozengeur en ontspannen in een romantisch gietijzeren bad ...

Warmte zoals vroeger....
 
Hoe vaak wordt er niet gezegd dat er vroeger veel beter materiaal gemaakt en gebruikt werd dan nu ? Het is nog
geen 100 jaar geleden dat de verwarmingsradiatoren uit stevig gietijzer vervaardigd werden. Deze verwarmingselementen
dienden niet alleen om de woning te verwarmen, maar het waren ook echte pronkstukken in het interieur. De radiators
werden met evenveel zorg ontworpen als een meubelstuk, het maakte integraal deel uit van het interieur. Ze werden versierd
met tekeningen of monogrammen voor een persoonlijke uitstraling. Meestal stonden ze op pootjes, zodat ze verplaatst
konden worden.
 
De radiatoren die wij u aanbieden zijn nieuw gemaakt naar oude modellen. De aansluitingen zijn hedendaags, zodat er geen
problemen zijn bij het plaatsen.
Onze retro radiatoren zullen perfect samengaan met uw favoriete natuurlijke materialen zoals hout, marmer of blauwe steen...
 
Behalve het estetische aspect, (tenslotte wil het oog ook wat), hebben deze gietijzeren radiatoren nog heel wat meer
voordelen : ze warmen geleidelijk op waardoor de aangename stralingswarmte lange tijd de ruimte verwarmt en het verbruik
laag ligt.
Gietijzer heeft immers de unieke eigenschap om de warmte constant en langdurig aan de kamer af te staan. Hierdoor zijn
warmte, comfort en laag verbruik verzekerd.
Van nature uit geruisloos, kraakt noch trilt het gietijzern tijdens het opwarmen of afkoelen.
Onze gietijzeren radiatoren hebben het uizicht van fraaie reproducties uit de vroege jaren 1900. De modellen zijn standaard
verkrijgbaar in epoxy grijs, roest of zwart, poedercoat. Maatwerk is mogelijk, u kiest namelijk het aantal afzonderlijke
elementen zodat elke gewenste lengte kan worden samengesteld. Verkrijgbaar in drie hoogtes, dubbel- of tri koloms.
Aangepaste retro kranen worden eveneens aangeboden.

Warmte zoals vroeger....

Netjes en zuiver.... geprijsd !
 
In de winkel staat een kleine badkameruitstalling bestaande uit :
een gietijzeren bad "Slipper" op pootjes;
een gietijzeren radiator met kraan, drie koloms, hoogte 76 cm, 11 elementen;
een antiek badkamerkastje met spiegel en schuiven en een moderne porceleinen wasbak;
een mansgrote kantelspiegel, verkrijgbaar in zwart of wit;
 
.... en dit alles samen voor nog géén 4.000,- Euro, inclusief B.T.W. !!!
 
Toch zeker overtuigd om je droom eindelijk te realiseren ???
 
Let wel even op : gedurende de maanden juni, juli, augustus en september 2011 zijn
wij zondag gesloten.
Gelieve voor uw gepland bezoek even te bellen, het is tenslotte vacantieperiode !
 

Lees meer

close

Bruidskasten, rustieke kasten als bruidschat.

Wij zijn er even tussenuit geweest met ons nieuwsrubriekje, andere activiteiten vroegen onze aandacht.

Maar we zijn terug met een verhaal over een schitterend en intrigerend meubelstuk : de bruidskast.

Wanneer wij spreken over een "bruidskast" denken wij meestal aan de mooi gesculpteerde Franse kasten in Louis XV, Louis XVI en overgangsstijl in massief eik.

Deze kasten eisen inderdaad direct de aandacht van de liefhebbers van meubelen die met (letterlijk) liefde gemaakt zijn.

Wat zijn deze bruidskasten nu eigenlijk, waarom noemt men ze bruidskast ?

Een bruidskast werd inderdaad gemaakt als meubel voor de uitzet. Niet altijd werd echter enkel of alleen een kast als geschenk meegegeven aan het bruidje.

Ook bestonden er bruidskisten : ze werden gebruikt voor linnen en kleding en voor de uitzet die onderdeel was van de bruidschat. Ze werden niet altijd in eik uitgevoerd, wij kennen ook bv. Normandische exemplaren in grenen uit de 18e eeuw.

Nog een misverstand is dat deze kisten en of kasten steeds gesculpteerd werden. Er bestaan ook voorbeelden uit het begin van de 18e eeuw die eenvoudig bewerkt zijn, of zelfs voorzien van ajour en fineerwerk. Ook is niet iedere gesculpteerde kast een echte bruidskast. En niet alleen Frankrijk, maar ook bv Duitsland, Vlaanderen, Italië en Nederland kenden de waarde van een meubel als geschenk bij het huwelijk.

De prijs werd bepaald door het aantal en soort sculptures dat besteld werd door de klant. Ze werden gebruikt als linnenkast, symbool van de rijkdom van de familie en dus een belangrijk stuk van de bruidsprijs.

Gaan we nu even terug naar de kasten die de meeste handelaars en liefhebbers klasseren onder de "bruidkast".

Meestal gaat men de prachtig gesculpteerde (bas relief) tweedeurskasten in eik van de Normandische meubelmakers en -sculpteurs onder deze noemer klasseren.

Typisch aan deze kasten is het zéér fijne sculpteerwerk in onder en bovenregel. De tussenregel, onder en bovenregel van de deuren werden eveneens versierd met snijwerk en omlijst met een mooie moulure. Deze tussenregels zijn vaak uitgewerkt in medaillons. Overwegend in de Louis XV en Louis XVI stijl, vaak ook vermengd, daar het hier om rustieke meubelen gaat. Druivenranken, korenaren, korenbloemen, draperieën, bloemenmanden en -korven, rozen, parel- en gedraaid lintmotieven, cannelures en acanthusblad zijn de meest voorkomende versieringen. Het aantal bloemen of rozen in bovenregels en medaillons geeft zelfs een prijsindicatie aan, hoe meer rozen, hoe duurder de prijs voor het sculpteren. Minder vaak ziet men een laurierbladmotief en strikken. Soms hebben deze kasten ook een vooruitstekende kroon in de bovenregel, een mand gevuld met fruit of bloemen. De kroonlijst zelf echter is recht.

De medaillons op de tussenregel van de deuren zijn vaak afbeeldingen met muziekinstrumenten, boeketten en gevulde urnen.

De zijstijlen van deze kasten werden gecanneleerd (al dan niet gedeeltelijk opgevuld, naargelang de stijlperiode) of eveneens met fijn snijwerk versierd.

Poten lopen door vanuit de zijstijlen en eindigen vaak in een gekromde kniepoot. Ook hier werd snijwerk uitgevoerd, dit zal wellicht van de bedongen prijs afgehangen hebben. In de onderregel die volgens de Louis XV stijl met sierlijke bogen en krullen werd gebogen, bemerkt men in het midden vaak een medaillon, alweer versierd naargelang de prijsklasse. Daarboven stopt de brede tussenregel (vast aan de linkerdeur is het meest voorkomend), die met cannelures, parellijsten of snijwerk werd opgehoogd.

En toch zijn al deze prachtige meubelen géén echte bruidskasten. Wat ontbreekt er dan ?

Wel logisch toch : een écht bruidssymbool ! En wat is er reeds eeuwenlang een symbool van de band die echtgenoot en echtgenote verbind ? Inderdaad de duif.

Dus op een échte bruidskast vind men heel vaak twee duifjes terug. Dit kan in de vooruitstekende kroon onder de kroonlijst, of op de deuren in de bovenregels of tussenregel. Soms ook of herhaald in de medaillons op de deurregels.

Ook kan men op sommige bruidskasten de initialen of zelfs de namen van het kersverse koppeltje terugvinden, al dan niet met vermelding van de huwelijksdatum. Dit gaat men vooral op de eenvoudiger bewerkte Duitse bruidskasten in eik of grenen kunnen lezen. Deze informatie werd vaak duidelijk leesbaar in de bovenregel van de kast, net onder de kroonlijst gezet.

De taak van het toekomstige bruidje was het om de kast (en soms de kist) te vullen met fijn handwerk en ander linnen. Naarstig borduren aan het haardvuur, dromend van een romantische vrijer.....

Bruidskast Louis XVI, Normandie, Frankrijk.

Bruidskast Louis XVI, Normandie, Frankrijk.

Normandische linnenkast in massief eik.

Normandische linnenkast in massief eik.

Medaillon op de middenregel van de deur.

Medaillon op de middenregel van de deur.

 

Lees meer

close

De waarde van Antiek

Of je nu antieke voorwerpen ten gelde wil maken, je huis herinrichten met antieke meubelen, objecten wil verzamelen of doodgewoon wil beleggen in antiek, het is steeds belangrijk dat je toch weet wat je in handen hebt en hoe en wanneer je het op de markt kan brengen.

De gehele antiekwereld op zijn duimpje kennen is voor niemand mogelijk, je specialiseert je best op een of ander gebied : Oosters porcelein, meubelen uit een bepaalde periode, tapijten, horloges en klokken, schilderijen,...

En tenzij je beschikt over een of ander geluksamulet, zal je geen geld kunnen verdienen met de handel in antiek zonder je eerst te scholen. Het is essentieel dat je een voorwerp meteen kan plaatsen (regio, fabricant of ontwerper, gebruikt materialen, datering,...) en dat je kan onderscheiden of het een authentiek stuk of een reproductie of vervalsing is. Als het dan toch een authentiek voorwerp is, moet je nagaan of er geen of te veel restauratie uitgevoerd is. Zijn de nodige restauraties deontologisch verantwoord (d.w.z. heeft men het meubel, de tafel, de stoel, de kast, het horloge, de klok,... op de juiste manier, eigen aan het voorwerp en de tijd en met de juiste materialen) gerepareerd ? Dit kan een bijlangrijke invloed op de prijs hebben.

Helaas kan je deze kennis niet op één twee drie verwerven, jarenlange expertise en een lang leerproces met veel vallen en opstaan zijn hiervoor noodzakelijk. Ook een degelijke vooropleiding waar men je wijst op het belang van observeren is belangrijk.

Een documentatiemap aanleggen kan gemakkelijk zijn. Ook te rade gaan bij een betrouwbare antiekhandelaar is belangrijk.

Toch begin je best met de theoretische studie van stijlen en periodes. Goed opletten voor details. De verschillende versieringstechnieken, gebruikte ornamenten en materialen dien je automatisch te leren herkennen. Er zijn veel naslagwerken op de markt om de basis te leggen, maar zelfs hier moet je opletten. Zoals we in een vorig nieuwsbericht reeds hebben geschreven, hebben verschillende stijperiodes vaak meerdere namen en overlappen deze elkaar, wat dan weer tussenstijlen voortbrengt, enz.

Verder is het belangrijk dat je in het geval van meubels bv. kijkt of het een "meuble d'époque" is of een landelijk meubel dat altijd iets later dan de eigenlijke stijlperiode vervaardigd werd. Immers de edelen waren steeds de eersten die - dicht bij de koning en het hof - de heersende mode kenden. De landelijke bevolking die verder van de steden en het hof verwijderd waren, waren pas veel later op de hoogte van de ornamentiek en stijl die opgang maakte. Veel van die landelijke meubels zijn dan ook uitgevoerd in een overlapping van verschillende stijlperiodes.

In musea kan je topstukken uit bepaalde periodes of strekkingen gaan bekijken. Dit is uiteraard wel steeds de "fine fleur" van de markt, maar qua stijl, periode en uitvoering kan je hier veel leren. Beter nog dan op afbeeldingen uit boeken kan je je hier oriënteren. Bekijk een voorwerp steeds vanop afstand en ga pas later de vorm, verhouding, kleur, versiering en andere details bestuderen.

Ook talenkennis is belangrijk indien je je op de antiekmarkt wil begeven. Frans en Engels zijn steeds referentietalen geweest, waardoor bepaalde kenmerken slechts in die talen kunnen uitgedrukt worden. Ook veilingen, die een prijsindicatie kunnen aangeven zijn veelal internationaal.

De beste antiekzaken kunnen je als klant met de juiste informatie te woord staan. Achter de schermen van deze zaken is vaak één of meerdere restaurateurs aan het werk. Anderen, die zelf niet over een atelier of de juiste kennis beschikken, besteden dit werk uit bij collega's. Uiteraard betaald de klant de prijs hiervan.

Verder heb je nog de veilinghuizen. Je kent in België enkele vaste waarden die met kennis van zaken handelen. Zij veilen meestal vanuit hun eigen veilinghuis op een vast adres. Vaak organiseren zij gespecialiseerde verkoopavonden waarbij de klant goed geinformeerd wordt.

En dan heb je ook nog de verkoopsexposities, al dan niet met een mooie catalogus. Dit marktsegment is de laatste jaren wel veel verkleind. Wellicht weten de uiteindelijke kopers al dat ze moeten opletten. Deze venters hebben geen vast pand, zijn in niets gespecialiseerd en hebben slechts een oppervlakkige kennis van de antiekcategorieën. Opletten is de boodschap : eens gekocht kan men niet reklameren, men dient op de hoogte te zijn van de staat van het gekochte goed !

Vandaag vertoond de economie een neerwaartse curve en wanneer men dan antiek werkelijk als belegging wenst aan te kopen is dit het goede moment ! De wereldhandel in o.a. antiek is een fluctuerende curve van pieken en dalen. Het is dus zowel voor kopen als verkopen, net als bij andere beleggingen, zaak om het juiste moment af te wachten.

Ondertussen kan men echter van een mooi stuk antiek nog echt genieten.... en dat is toch ook mooi meegenomen niet ?

 

Lees meer

close

De stijlen en hun tijdsperioden.

Daar waar het meubel oorspronkelijk een gebruiksvoorwerp was dat voldeed aan een bepaalde behoefte, evolueerde het tot een luxueus bezit waarmee men kon pronken en waar men status mee verwierf.

Het is misschien wel eens interessant vooraleer we verder de verschillende stijlen gaan bespreken om de juiste namen/benoemingen en de tijdsperioden op een rijtje te zetten....

We verdelen de periodes en stijlen in drie gebieden : de Nederlanden, Frankrijk en Engeland.

Tevens vermelden wij hierbij de heersers/regeringen tijdens die periode.

De Nederlanden.

Van ca 1200 tot 1550 : Gotiek (bewind Karel V van 1515-1555)

Van ca 1540 tot 1600 : Vroeg Renaissance (bewind Stadhouder Willem Van Oranje van 1559-1584)

(bewind van Stadhouder Maurits van 1585-1625)

van ca 1600 tot 1650 : Hoog Renaissance (bewind van Stadhouder Frederik Hendrik van 1625 - 1647)

(bewind van stadhouder Willem II van 1647 - 1650)

van ca 1650 tot 1750 : Barok (bewind van het 1ste Stadhouderloze tijdperk van 1650 -1672)

(bewind van Koning-stadhouder Willem III van 1672 - 1702)

van 1700 beginnen de Franse invloeden. (2de Stadhouderloze tijdperk van 1702 - 1747)

van ca 1700 tot 1725 : Louis XIV stijl

van ca 1747 tot 1775 : Louix XV of Rococo stijl (bewind Erfstadhouder Willem IV van 1747 - 1751)

(bewind van Prinses Weduwe Anna, gouvernante van 1751 - 1759)

van ca 1775 tot 1790 : Louis VI invloed of de overgangsstijl Transition (bewind van Erfstadhouder Willem V van 1759 - 1795)

van ca 1790 tot 1800 : De Louis VI stijl of het Classicisme (Bataafse Republiek van 1795 - 1806)

van ca 1800 tot 1820 : Het Empire (Koninkrijk Holland van 1806 - 1810)

(Inlijving bij Frankrijk van 1810 -1814)

van ca 1820 tot 1850 : de Biedermeier stijl of het Burger Empire (Koning Willem I van 1814 - 1840)

(Koning Willem II van 1840 - 1849)

van ca 1850 tot 1890 : de Neo stijlen of de stijl Willem III (Koning Willem III van 1849-1890)

van ca 1890 tot 1925 : de Jugendstill (Emma Regentes van 1890 - 1898)

(Koningin Wilhelmina van 1898 - 1948)

van ca 1925 tot 1935 : de Art Deco stijl.

Frankrijk.

van ca 1500 tot 1550 : Fin du Gothique (Francois I van 1515 - 1547)

van ca 1550 tot 1625 : Renaissance (Henri II van 1547 - 1559)

(Francois II van 1559 - 1560)

(Charles IX van 1560 - 1574)

(Henri III van 1574 - 1589)

van ca 1590 tot 1610 : Hoog Renaissance (Henri IV van 1589 - 1610)

van ca 1610 tot 1650 : Laat Renaissance of Louis XIII stijl (Louis XIII van 1610 - 1643)

van ca 1650 tot 1715 : Barok of Louis XIV stijl (Louis XIV van 1650 - 1715)

van ca 1710 tot 1723 : Régence stijl (Régence van 1715 - 1723)

(Bewind van Louis XV van 1723 - 1774)

van ca 1723 tot 1755 : Louix XV of Rococo stijl (bewind van Louis XV)

van ca 1755 tot 1774 : de Transition stijl (bewind van Louis XV)

van ca 1774 tot 1790 : de Louis XVI stijl of het Classisisme (bewind van Louis XVI van 1774 - 1793)

van ca 1789 tot 1792 : de Revolutionaire (bewind van Louis XVI)

van ca 1792 tot 1795 : de Convention

van ca 1795 tot 1799 : de Directoire (directoire bewind van 1795 - 1789)

van ca 1799 tot 1804 : de Consulat (consulaat bewind van 1799 - 1804)

van ca 1804 tot 1818 : het Empire (bewind van Napoleon I van 1804 -1815)

(bewind van Louis XVIII van 1815 tot 1824)

van ca 1815 tot 1852 : de Restauration stijl Charles X periode (bewind van Charles X van 1824 - 1830)

Louis Philippe periode (bewind van Louis Philippe van 1830 - 1848)

(II république van 1848 - 1852)

van ca 1852 tot 1875 : de Napoleon III stijl of het Second Empire (bewind van Napoleon III van 1852 - 1870)

(derde republiek van 1870 - 1890)

van ca 1890 tot 1925 : Art Nouveau

van ca 1925 tot 1935 : Art Deco

Louis XVI

Voor het vasteland kan men de gebruikte houtsoorten ongeveer indelen als volgt qua periode :

13e eeuw : eik

14e en 15e eeuw : eik en noten

16e eeuw : noten

17e eeuw : ebbenhout

18e eeuw : de getinte houtsoorten (o.a. fruithout),voor het eerste deel van de 18e eeuw

massief acajou eind 18e tot begin 19e eeuw.

Engeland

van ca 1500 tot 1530 : Gotiek (bewind van Henri VIII van 1509 - 1547)

van ca 1530 tot 1570 : Early Tudor (bewind van Edward VI van 1547 - 1553)

(bewind van Queen Mary van 1553 - 1558)

(bewind van Queen Elizabeth van 1558 - 1603)

van ca 1570 tot 1600 : Late Tudor of Elizabethan style (Queen Elizabeth)

van ca 1600 tot 1625 : Jacobean (bewind van James I van 1603 - 1625)

van ca 1625 tot 1649 : Charles I (bewind van Charles I van 1625 - 1649)

van ca 1649 tot 1660 : Commonwealth (bewind van Cromwell van 1649 - 1660)

van ca 1660 tot 1688 : Restoration (bewind van Charles II van 1660 - 1685)

(bewind van James II van 1685 - 1688)

van ca 1690 tot 1700 : William & Mary (bewind van William III van 1688 - 1702)

van ca 1702 tot 1750 : Queen Anne and Early Georgean (bewind van Queen Anne van 1702 - 1714)

( bewind van George I van 1714 tot 1727)

van ca 1750 tot 1785 : Late Georgian (bewind van George II van 1727 - 1760)

(bewind van George III van 1760 - 1820)

van ca 1765 tot 1785 : Chippendale (bewind van George III van 1760 - 1820) Chippendale was een ontwerper.

van ca 1765 tot 1792 : Hepplewhite (bewind van George III) Hepplewhite was een ontwerper.

van ca 1790 tot 1795 : Sheraton (bewind van George III) Sheraton was een ontwerper.

van ca 1810 tot 1830 : Regency (bewind van de Regency 1811 - 1820)

(bewind van George IV van 1820 - 1830)

van ca 1830 tot 1860 : Early Victorian (bewind van Queen Victoria van 1837 - 1901)

van ca 1860 tot 1880 : Victorian (bewind van Queen Victoria)

van ca 1880 tot 1900 : Late Victorian (bewind van Queen Victoria)

van ca 1900 tot 1925 : Modern Style (onder het bewind van Edward VII van 1901 - 1910)

(onder het bewind van George V van 1910 - 1936)

van ca 1925 tot 1935 : Art Deco

Queen Victoria

In Engeland was ook het gebruik van de houtsoorten sterk onderhevig aan de mode :

16e eeuw tot 1660 : age of oak

1660 tot 1750 : age of walnut

1720 tot 1765 : age of mahogany.

Daar waar dus op het vasteland de stijl vooral gedicteerd werd door het bewind, onderscheidt men in Engeland periodes genaamd naar de ontwerpers.

Pas vanaf de Art Deco is er een gelijklopende stijl voor heel Europa.

Aan de hand van de meubelstijlen kan men dus de woelige periodes in de regeringstijden herkennen. Interessant niet ????

 

Lees meer

close

Paaseieren en Fabergé.

Met pasen in het vooruitzicht is het misschien interessant om even uit te weiden over de bekendste en duurste paaseieren ter wereld : de Fabergé eieren.

Over het geslacht Fabergé is weinig geweten. In de late 17e eeuw ontvluchtten deze familie, net zoals vele andere Hugenoten Frankrijk. Het leven van de protestanten was er immers niet meer veilig. De familie vestigde zich eerst in de buurt van Berlijn, later verhuisden ze naar Pernau aan de Baltische zee in Litouwen. Gustav Fabergé de zoon van de schrijnwerker Peter besloot zijn geluk te wagen in de buurt van Sint-Petersburg.

In de register van 1830 duikt zijn naam voor het eerst op als leerling van de juwelier Andreas Spiegel. Op de leeftijd van 27 jaar begon Gustav Fabergé voor zichzelf te werken en in hetzelfde jaar huwde hij met de dochter van een Deens schilder. Vier jaar later werd hun eerste zoon geboren : Carl Gustavovich. Door zijn harde werk en zijn grote talent werd Gustav al snel een gerespecteerd juwelier voor de middenklasse. Zijn zoon Carl ging op 18 jarige leeftijd op reis door Europa langs de meest prestigieuze centra van de juwelierskunst : Florence, Londen en Parijs. Hij deed hier ervaring op en stelde zich op de hoogte van alle technieken.

In 1866 werd Carl op tweeëntwintigjarige leeftijd toegelaten tot het juweliersgilde. Zes jaar later huwde Carl met Augusta Jakobs, de dochter van een ebenist aan het hof van de tsaar. Hij leidde een onopvallend leven en was de bescheidenheid in persoon. Zijn werk was niet opvallend en werd later zelfs omschreven als "plomp en ondermaats". Hij werkte gratis bij de schatbewaarder van de tsaren voor het catalogiseren, repareren en het schatten van de kroonjuwelen en kunstvoorwerpen.

De jongere broer Agathon Fabergé die eveneens juwelier was, had enorm veel briljante ideeën, en toen hij in 1882 eveneens naar Sint Petersburg kwam gaf dit de aanstoot tot de grote doorbraak van Carl. Beide broers besloten de oude Kerch schatten (een opgraving in een oude haven op de Krim, waaruit duizenden voorwerpen te voorschijn zijn gehaald, uit de vierde eeuw v. C.) te kopieëren. Ze stelden hun sieraden tentoon op een beurs in Moskou en daar bracht Tsaar Alexander III een bezoek. De tsarina kocht een paar gouden manchetknopen in de vorm van krekels. Fabergé werd ook nog laureaat en kreeg een gouden medaille voor zijn werk uitgereikt. Het talent van Fabergé lag duidelijk meer in het smeden van goud dan in het vervaardigen van juwelen met dure edelstenen. Fabergé werd later ook nog benoemd tot Leverancier van het Hof. Alle activiteiten van het huis vonden nu plaats onder één dak : diamantslijpen, zilverfabriek,... Het huis is nog steeds te bezichtigen in de stad Sint Petersburg.

Pasen is de belangrijkste feestdag van de Russische Orthodoxe Kerk, het equivalent van het christelijke Kerstmis. Op deze dag schenkt men familie en vrienden eieren. Bij de gewone mensen zijn dit kippeneieren, meer welgestelde families geven porseleinen, glazen of houten eieren en in de adellijke kringen schenkt men zilveren en gouden eieren.

In 1885 bestelde Alexander III een eerste ei voor zijn tsarina. Een gouden ei bedekt met email en waarin zich een gouden "Yolk" bevond. In de yolk bevond zich een gouden miniatuur hen. Daarna "vroeg" de tsaar aan Fabergé om ieder jaar met Pasen een nieuw ei te presenteren als geschenk voor Maria Feodorovna. Elf eieren bracht dit op voor Alexander.

Na het overlijden van de tsaar, zette de zoon Nikolaas deze traditie verder : twee eieren, eentje voor zijn moeder en eentje voor zijn vrouw Alexandra. Elk paasgeschenk moest de vorm hebben van een ei en een verrassing inhouden. Niet minder dan 55 paaseieren werden er aldus vervaardigd. Met het ontwerp werd lang voor Pasen begonnen, soms nam het produktieproces meer dan een jaar in beslag. Een van de belangrijkste punten was de absolute geheimhouding over het karakter van het paasei, zelfs de tsaar moest in het ongewisse blijven. Echt winst werd er op deze pronkstukken niet gemaakt. De enorme publiciteit ieder jaar echte,r vergrootte de faam van de ontwerper, zelfs vandaag denkt iedereen bij de naam Fabergé aan de keizerlijke paaseieren.

Het bekendste exemplaar dateert uit 1897, het beeld de troonsbestijging van 1896 uit. Dit evenement was het meest verkwistende uit de geschiedenis van de Romanov's. Zevenduizend gasten van over de hele wereld werden uitgenodigd voor deze festiviteiten. Fabergé gebruikte het ontwerp van de motieven van het keizerskleed : een zwarte dubbelkoppige adelaar op een gouden achtergrond. Een replica van de koets waarin de tsarina de inhuldigingstocht door Moskou hield zit in het ei verborgen. Een replica die werd vervaardigd vroeg vijftien volle maanden werk. Het 9cm lange koetsje is van goud en rood email, ingelegd met diamanten. De raampjes zijn van bergkristal en net zoals bij het originele (bewaard in het Hermitage museum) is de vering perfect.

Ook in 1900 werd er een schitterend ei gemaakt. Het is opgedragen aan de opening van de spoorverbinding tussen Moskou en Vladivostok. Dit ei is gegraveerd met een zilveren landkaartje, waarop de stations zijn aangeduid met edelstenen. De ingesloten verrassing is een compleet keizerlijk treinstel bestaande uit een locomotief met vier wagons en een kapelwagen. De exacte replica is uitgerust met een veermechanisme.

In 1901 werd een crèmekleurig ei vervaardigd, beschilderd met guirlandes, lauriertakken, muziekinstumenten en rode linten, afgeboord met fijne diamantjes. Het sluit een miniatuur-versie van het Gatchina paleis bij Sint Petersburg in. Het gouden paleisje werd in verschillende goudtinten vervaardigd, geen detail werd uit het oog verloren : de wapperende vlag op een van de torentjes en het aantal bomen in de achtertuin zijn allemaal exact gecopiërd.

Vassily Zuiev, schilderde o.a. de paaseieren uit 1911 (de portretten van het keizerlijke paar en hun vijf kinderen en negen taferelen van historische gebeurtenissen) en in 1913 (18 miniatuurportretten van alle Romanov tsaren, vanaf Michae,l de stichter van de dynastie, tot Nicolaas).

In 1916 vervaardigde Fabergé in een lange winter twee paaseieren. Maar toen Pasen kwam, was er geen tsaar meer om ze aan te schenken. De tsarenfamilie was gevangengezet en vermoord.

In 1924 na het overlijden van Lenin, begon de uitverkoop van de Fabergé sierarden. De nieuwe communistische regering had behoefte aan valuta en verkocht de schatten. Door de economische crisis waren er weinig gegadigden en de eieren werden vanaf 1930 te koop aangeboden via winkelketens. Voor niet meer dan enkele duizenden dollars konden de keizerlijke paaseieren aangekocht worden. Enkele rijke dames die hielden van de Fabergé werkstukken in het begin van de jaren 30, bouwden aldus museumcollecties op in New Orleans, Richmond en Cleveland. Malcom Forbes, de uitgever, zette de jacht op Fabergéwerk in vanaf 1965. Hij slaagde erin een dozijn eieren te bemachtigen en ongeveer vierhonderd andere Fabergé juwelen. Deze Forbes collectie wordt tentoongesteld aan Fifth Avenue in New York.

 

Lees meer

close

Antiek kopen is ecologisch denken !

Zowel 50 plussers als jonge mensen die kiezen voor kwaliteit en het milieu, vinden hun gading bij Antiek en Interieur Den Ouden Overzet te Melsele.

De charme en de uitstraling van een oud meubel kan door niets vervangen worden en dan spreken we nog niet over de kwaliteit van de opbouw en de materialen die in het verleden gebruikt werden.

Deze oude meubelen werden immers volledig uit massief hout gemaakt en zijn dan ook onverslijtbaar. Sloten, pennen en scharnieren werden ook nog vaak met de hand gemaakt en zijn bij het verslijten meestal te herstellen. Wat een ecologisch voordeel !

In deze tijd, waar men niet alleen het budget, maar ook het milieueffect goed afweegt bij iedere aankoop, kan Antiek en Interieur Den Ouden Overzet met de aangeboden collecties aan de gevraagde behoeften voldoen. De antieke meubelen worden met respect voor hun verleden en met het milieu, volgens deontologische regels gerestaureerd. Zo worden ze weer klaargestoomd en gerecupereerd voor een nieuwe toekomst in een hedendaagse omgeving.

De massieve eiken, notelaren en dennehouten kasten en andere meubels kunnen na een grondige opknapbeurt in de eigen ateliers weer generaties verder. Onze klanten kunnen ook hun egien meubels laten herstellen in ons atelier. Verf decaperen of aflogen, herstellingen, rieten of canneren van zitjes en ruggen, herstofferen van stoelen en fauteuils,... je kan steeds vrijblijvend informatie of prijsofferte aanvragen.

Voor het stofferen maken wij gebruik van de stoffen van de Belgische firma's Aristide, love your living (vroeger Aritex) en Buvetex (Koninklijk Hofleverancier), zodat onnodig transport vermeden wordt. Beide firma's hebben op wereldniveau een grote faam.

Vrij recent bieden wij een lijn op maat gemaakte tafels in eik of grenen aan, gemaakt van oude planken. Ook dit hout werd gerecupereerd en terug verwerkt tot karaktervolle meubelen. Met milieuvriendelijke producten wordt het hout bewerkt, zodat het nog de uitstraling heeft van onbewerkt hout, maar toch bescherming biedt tegen de meeste vlekken.

In onze antiek en interieurzaak Den Ouden Overzet, worden deze antieke meubelen gecombineerd met o.a. de stoelen en fauteuils van het Original Loom Furniture label. Loom Furniture maakt al meer dan vijf en twintig jaar meubels met origineel Loom vlechtwerk. Het is een Europees bedrijf dat in haar grondstoffen en vakmanschap altijd kiest voor kwaliteit. Kwaliteitsmeubelen maken is vooral vasthouden aan principes, het principe dat alleen de beste materialen gebruikt worden. De toegepaste leersoorten worden in eigen beheer verwerkt en het karakteristieke Loom vlechtwerk komt uit eigen atelier. Het volledige frame is gebouwd uit hoogwaardig beuken. Dat ziet U vaak niet, maar U merkt het wel, als U voelt hoe stabiel de stoel staat. De meubelmakers van Loom Furniture zijn zo overtuigd van de kwaliteit van de toegepaste materialen, dat zij op het frame maar liefst tien jaar garantie durven geven! 

Topontwerpers uit heel Europa leveren de karakteristieke ontwerpen. Op ieder meubel van Loom Furniture vindt U een klein plaatje met de naam "original Loom furniture". 

Uiteraard kijkt Loom Furniture eveneens verder dan uw woonkamer en haar eigen productieproces. Het toegepaste hout komt uit duurzame productiebossen en de duurzaamheid van de producten zelf zorgt voor een lage afschrijving en daarmee een bijzonder lage milieubelasting. Bovendien worden de meubels al sinds jaar en dag gespoten met watergedragen lakken, die het milieu niet belasten.

U merkt het, niet alleen uw portemonnee wordt niet extra belast, ook het milieu vaart er wel bij indien U een aankoop doet bij Eddy en Myriam/Antiek en Interieur Den Ouden Overzet. Zeker het overwegen waard !

 

Lees meer

close

Een korte geschiedenis over de Engelse kleine bijzettafeltjes, o. a. gate-leg table.

In de loop van de 18e eeuw, ontstond er in Engeland gaandeweg een voorkeur voor gemakkelijk verplaatsbare meubels : tafels, speeltafels, tafels met afhangende zijkanten, opklapbare bladen en ook dien- of serveertafeltjes.
Deze laatsten "dumb-waiters" genoemd (stomme bedienden), werden aan een hoek van de eettafel geplaatst.  Ze werden een niet weg te denken detail later in de loop van de 19e eeuw, in de Régency eetkamers.  Dit schitterende en enorm practische kleinmeubel was samengesteld uit een reeks van schalen (rond of vierkant) die op orde van grootte werden gerangschikt en in het midden verbonden waren door een gedraaide pilaster.
Tijdens de regereingsperiode van Jacobus I (1603-1623) veranderde er wenig aan het reeds bestaande meubilair, nochtans was dit de periode waarin een kleine maar belangrijke tafel werd uitgevonden : de gate-leg table.
De lange tafel bleef in gebruik, maar door haar omvang was ze echter niet voor iedere ruimte geschikt.  Daarom maakte men ook veel kleinere tafels, die een vast middenblad hadden en twee afhangende zijbladen.  Deze laatste kondern worden opgeslagen, waarbij ze ondersteund werden door uitdraaibare poten.  Zon'n tafel heette in het Engels "gate-leg-table (poort-poot-tafel) omdat elk paar uitdraaibare poten was verbonden met een boven- en onderregel, waardoor als het ware een poortje werd gevormd.
Nog een bijzonder vernuftig meubel uit die tijd was de "chair table", of de stoeltafel, een combinatie van een veelal kistvormige armstoel en een tafel.  De rug van de stoel kon naar voor worden neergeklapt en rustte dan op de armleuningen en vormde aldus een tafel.
Torsen waren zeer in trek vanaf de tweede helft van de 17e eeuw.  Nog kleinere tafels werden mode : speel-, toilet-, dien- en theetafels.
In de loop van de 19e eeuw kende ook Engeland (net als het vasteland van Europa met Frankrijk op kop) een retrospectieve stijl waarbij men teruggreep naar vorige stijlen.
Men vindt dan ook veel meubilair terug, uitgevoerd in de loop van de 19e eeuw, met stijlkenmerken van vroeger.
 
1830 - 1860 Early Victorian                    (Regering William IV van 1830 - 1837)
1860 - 1900 Victorian en Late Victorian.   (Regerng Queen Victoria van 1837 - 1901)
                  
 
Gate-leg table : tafel waarbij de flappen ondersteund worden voor verbonden poten (poorten).
Drop-leaf table : grote gate leg tafel dienstig als eetkamertafel met flappen ondersteund door verbonden poten.
Sutherland table : tafel waarbij de flappen ondersteund worden door één enkel fijn pootje.
Pembroke table : tafel waarbij de flappen ondersteundworden door uitschuifbare regels.
Sofa-table : flappen op de kortste kanden van een rechthoekige tafel, vooraan met schuif.  De flappen worden ondersteund door uitschuifbare regels.
 

Lees meer

close

Brillen, monocles en lorgnetten

Waar, hoe en door wie de bril juist is uitgevonden kan men niet met zekerheid zeggen, alhoewel deze uitvinding toch van groot belang is geweest.

Mogelijk is het Roger Bacon die het vaderschap mag claimen en heeft de wieg in Italië gestaan.  Bacon schreef in 1268 in zijn werk "Opus Major" : "Als iemand letters of andere kleine zaken bekijkt door een materiaal als glas of kristal dat is geslepen en met de bolle kant ervan naar het oog is gericht, zal hij de letters beter waarnemen en zullen ze hem groter lijken.  Ee dergelijk instrument is erg bruikbaar voor alle personen met zwakke ogen, ze zullen alle letters kunnen lezen, hoe klein ook, als ze maar sterk gneoeg worden vergroot."

Een andere naam die wordt vernoemd is die van Salvino d'Armato degli Armati.  Op zijn grafsteen in Florentië staat geschreven : "Hier ligt Salvino d'Armato degli Armati van Florentië, de uitvinder van de bril.  Moge God zijn zonden vergeven.  Hij overleed anno 1317."

Onderzoek heeft echter aangetoond dat de inscriptie in Florentië onterecht is.  Nochtans zijn er voldoende aanwijzingen om aan te nemen dat de bril in Italië is uitgevonden.

Monnik Giordano da Rivalto van het klooster van Pisa vernoemde de uitvinding in zijn preek op 23 februari 1305.  Aantekeningen van deze rede zeggen ondermeer : "Het is nog geen twintig jaar geleden dat de kunst van het maken van brillen is uitgevonden waardoor een goed zicht mogelijk is.  Het is één van de beste en meest noodwendige vaardigheden die de wereld ter beschikking staan. 

Het oudste portret van een persoon die een bril draagt dateert uit 1352 en is uitgevoerd door Thomasso da Modena uit Teviso. 

Al deze oudst gedateerde voorvallen wijzen dus in de richting van Italië en het einde van de 13de eeuw.

 

De eerste brillen bestonden uit twee geslepen glazen die elk in een monuur waren gevat en beide monteren werden aan mekaar geklonken.  Opgravingen in de Londense Trig Lane brachten stukken van voor 1440 aan het licht en deze zijn nu te zien in het Museum of London.  Enkele van de oudste, bekende Londense brillenmakers geregistreerd bij de gilde waren Thomas Peal (1640), Richard Reeves (1663), John ayley (1664) en John Marchal (1690). 

In 1629 verkregen debrillenmakers het recht een gilde op te richten in Londen.    

In Boston (Lincolnshire) is een paar in leder gevatte glazen gevonden van omstreeks 1500.  Lederen brillen werden vervaardigd van 1500 tot ver in de 17e eeuw.  Rondtrekkende ambachtslui en marktkramers verkochten deze exemplaren.  Verder kende men ook nog monturen uit één stuk vervaardigd in hout of been.

Gedurende de 15e en 16e eeuw waren het de Hollanders die de grootste leveranciers van brillen waren.

 

Meer dan tweehonderd jaar onderging het model van de bril geen enkele verandering.  De beschikbare materialen zoals been, hoorn, hout en leder lieten weinig variatie toe.  In de 17e eeuw maakten metaalbewerkers uit Nürnberg een nieuw model in metaal.  De aanwending van een stalen brugstuk vanaf 1690 was een hele verbetering, nog later werden twee afzonderlijke monturen scharnierend gemonteerd zodat de bril kon worden opgeborgen in een klein doosje.

Edward Scarlett introduceerde de bril met zijstukken : twee spiralen die achter de oren pasten.   Wat betreft de brillenglazen werd er geen onderscheid gemaakt in de sterkte van de glazen tot het begin van de 18de eeuw.  Men kende enkel twee soorten : de brillen voor jonge mensen en de brillen voor de oude mensen....

"De marge van Martin" duidt de hoornen bruggetjes aan die zijn aangebracht op brillen van ijzer.  Deze verbetering werd in 1760 door Benjamin Martin aangebracht. 

 

De hogere klassen wensten zich te onderscheiden omdat ook de lagere klassen leerden lezen en zich een bril aanschaften.  Zo werden er modellen in schaarvorm en modellen met één lens geproduceerd.  Beide soorten diende men met de hand vast te houden en gaven een zekere flair.  Uit het tweede model ontstond later de monocle.  Eveneens van Britse origine,  en een symbool van de Engelse democratie. 

Het model Oxford was meestal van goud vervaardigd.

Het model zakbril van Adams was een geheel dat kon worden weggeklapt in een etui van paarlemoer of schildpadstof, een mechanisme dat vergelijkbaar is met dat van een knipmes.

 

De lorgnette was een uitvinding van Robert Bretal Bate in 1825.  Het waren brilleglazen met handvat, waarbij de lenzen zo zijn ontworpen dat ze over mekaar schuiven zodat ze één enkele lens lijken (dixit zijn patent).  Omdat de brillen te gemeenzaam waren geworden en door alle lagen van de bevolking werden gebruikt, wou de hogere klasse hiermee niet meer geidentificeerd worden. 

Nu kon men een keuze maken tussen de monocles en de lorgnetten.  De lorgnettes konden enorm variëren qua vorm en versiering.  Men kon het familieschild of een monogram laten aanbrengen op de handvatten.  In 1935 werden zelfs modellen uitgebracht die men als sierclip op jurk of vest kon aanbrengen.

Ondertussen werd in de periode 1879-1914 de "pince-nez" opnieuw populair. 

 

Naast brillen voor kijken en lezen bestonder er ook nog beschermingsbrillen.  In de U.S.A. kregen de treinbestuurders brillen om de ogen te beschermen tegen roetdeeltjes en modder.  Ook bestondern er brillen voor het accuraat kijken in het vizier van het geweer tijdens de jacht.

En voor de mensen die het zicht in één oog verloren waren was er de omkeerbare bril.  Om over te schakelen van kijken naar lezen kon de bril gewoon hondertachtig graden gedraaid worden.

Er valt nog veel te vertellen over de geschiedenis van de bril : aan de verzamelaar of geinteresseerde om de nodige documentatie op te zoeken....

 

(bron : Spectacles, Lorgnettes and Monocles, dooe D.C. Davidson DShire Album 227, Shire Publications Ltd 1989).

 

Terug naar het nieuwsoverzicht

Lees meer

close

Een stukje kunstgeschiedenis met betrekking tot de meubelkunst.

Wanneer men als leek of beginnend geïnteresseerde antiekliefhebber opzoeking wil doen in verband met meubelstijlen, is het niet zo vanzelfsprekend om aan de juiste informatie te komen.  Verschillende benamingen voor op het eerste gezicht dezelfdestijlen en/of meubels, vaktermen, enz. bemoeilijken de opzoekingen.  Over de vroegere stijlen vindt men wel voldoende lectuur, maar het meer "hedendaagse"meubel, vanaf +/-1830,  ontbreekt in de meeste boeken en bibliotheken.  Terwijl dit net de meubelen zijn waar wij doorgaans in de handel mee geconfronteerd worden. 
Alles in één keer uitleggen is te veel hooi op de vork nemen, maar stap voor stap de verschillende aspecten en stijlen belichtten kan voor de leek zeer interessant  en leerrijk zijn.  Benevens de stijlkenmerken die typerend zijn voor een bepaalde periode of tijd heeft men immers ook nog de kenmerken per streek, dit dan nogmaals verdeeld over de bourgoisie en de "gewone" burger. 
 
Laat ons al beginnen met de houtkeuze :
 
Een misvatting die nogal vaak plaatsvind is dat grenen meubelen "nieuw" of "nietantiek" zijn.
Voor de 20ste eeuw, gebruikte men in iedere streek voornamelijk de houtsoorten die onmiddelijk voorhanden waren
Men beschikte immers niet over de nodige middelen om snel contact op te nemen of regelmatig grote transporten te organiseren.
Zo treft men in Frankrijk vooral kasten en ander meubilair aan in notelaar en eikaan, kerselaarkastanje en voor de Alpen en Pyreneën grenen.
In België werden meubelen vervaardigd uit eik, vuren (pitspine of den),populier en fruithout gebruikt, er groeiden immers vele verschillende boomsoorten hier.
In Duitsland werd voornamelijk gebruik gemaakt van grenen (den) en in de Scandinavische landen treft men regelmatig het Rood Noors Grenen aan, een hardere dennensoort.  In de koude streken was het dennenhout harder en fijner generfd doordat de groei vertraagd werd door de temperatuur.  Dit gaf een betere kwaliteit hout en de meubelen zijn dan ook zwaarder.
Doordat het vervoer van hout nog niet zo vanzelfsprekend als heden was, werdeningevoerde houtsoorten matig gebruikt, voornamelijk voor fineer en dan nog vooral voor de duurdere meubelen van de rijke burgerij.
Dennenhout werd vaak geschilderd, niet alleen werd het hout zo beschermd tegen invloeden van buitenaf, maar men trachtte een "rijker" aspect aan het hout te geven.
 
De "trensetters" in de meubelkunst :
 
Frankrijk was zeer lang het toonaangevende land (tot de laatste eeuwwisseling) wat betreft de meubelkunst.  Zo zal ieder land, op enkele uitzonderingen na, toch min of meer gevolg geven aan de mode die vanuit Frankrijk "gedirigeerd" werd. 
De meubelstijlen werden door de koningen bepaald en kregen dan ook een "koningsnaam" naast de stijlnaam. 
"Rococo" is bijvoorbeeld de stijlnaam voor de meer populaire benaming "Louis XV"-stijl
"Neo-Classisismeis dan weer beter gekend als "Louis XVI"-stijl.
"Louis XIIIen "Louis XIVdaarentegen kent men dan weer onder de naam "Barok".
En de "Henri IImeubelen die wij kennen (meestal in de Neo stijl uit de eind 19e - begin 20ste eeuw), is één van de "Renaissancestijlen. 
Later meer daarover.
Mits men de meubelen aandachtig bestudeerd zal men zekere stijlkenmerken toch herkennen ondanks de dikwijls eigen interpretatie die iedere streek en "menuisier" hieraan geeft.
Zo zijn de meubelen uit de 19e eeuw, meestal kubistisch van vorm, met vlakke panelen en sobere ornamentiek die soms zelfs volledig ontbreekt.
Vanaf de 20ste eeuw gaat ieder land door het wegvallen van de beperkingen van het transport en de toenemende communicatiemogelijkheden zijn eigen invloed laten gelden op de aanmaak van meubelen.
 
Gilden en beroepen en ambachten :
 
Tot eind van de 18e eeuw werden de verschillende verrichtingen aan een meubelstrikt uitgevoerd door een "eigen" handwerksman.  De gilden bepaalden wie welk werk mocht uitvoeren.
Zo mocht de "menuisier" enkel met massieve houtsoorten werken.  Hij maakte dus de rustieke meubelen en de karkassen die later zouden bewerkt worden door de "ébinisten".  
De "ébinisten" werkten niet met de massieve houtsoorten, maar schilden de fijne exotische en inlandse houtsoorten tot zeer fijne bladen, die zij dan in verschillende patronen uitsneden en op de massieve karkassen lijmden.  Soms zelfs opgehoogd met fijne ingelegde koper boordjes, schildpad, schelp of nacré, enz.  Deze meubelenwaren vooral bestemd voor de rijkere klassen zoals het koninklijk hof en de adel. 
De "quincaillerie" (dit is al het metalen beslag : scharnieren, sloten, sleutelbeslag) werd dan weer door een fijne smid gemaakt.
Zo hadt ieder vakman zijn taak tot het tot stand brengen van het meubel.
Men kan dus inderdaad van een antiek meubel zeggen dat het "vakwerk" is. 
 

Lees meer

close

Bloemlezing : uit Het Volledige Brievenboek voor Verliefde harten. Uitgevers Snoeck Ducaju en zoon van Gent.

Ook bij ons zijn het "komkommermaanden", de voorbereidingen voor de open-deur dagen komen eraan en vergen veel energie en tijd.  Ook gaan wij er nog even tussenuit om "onze" energiebatterijen op de laden.
Voor deze maanden hebben wij een héél oud boekje bovengehaald
"Het volledige Brievenboek voor Verliefde Harten. 
Een groote verzameling van minnebrieven alles bevattende wat in alle omstandigheden voor verliefden te pas kan komen."
 
Een kleine bloemlezing ? 
 
"Brief om eene bijeenkomst te verzoeken."
 
Mejuffer Coralie,
 
Ik weet uw naam : hartelijk dank omdat gij mij hem hebt laten kennen : 't is een bewijs dat gij mij mijne vermetelheid hebt vergeven, maar gij hebt mij niet geantwoord.
Ik durf er u niet over berispen, omdat ik hoop ditmaal gelukkiger te zijn.  Het is misschien verwaandheid, maar het schijnt mij dat wij voor elkander bestemd zijn.
Ik bemin u te zeer, om niet eenigszins van u wederbemind te worden.  Hierop kunt gij zeggen dat gij mij niet kent.  Dat is waar, maar daartoe is er een eenvoudig middel.
Zondagmorgen ga ik uit.  Waartoe zou ik mijn uitspannings-uren beter kunnen besteden, dan met u te zien, u te spreken en u den hartstochtelijkste, den getrouwste minnaar te leeren kennen die bereid is aan uwe voeten te zweren, dat hij als echtgenoot u eeuwig zal beminnen ?
Ik zal op de groote Wandelplaats zijn om 11 uuren, ik hoop er u te ontmoeten. 
Laat mij niet te verfeefs wachten, bid ik u.
 
"Antwoord niet geheel afwijzend"
 
Mijnheer,
 
Neen, mijnheer, neen, ik zal of kan uwe voorgestelde bijeenkomst niet aannemen.  Overigens mijn moeder bespiedt u en ik wil dus den schijn niet hebben alsof ik me u afgesproken was.
Onze meid zegt haar ook alles over en die verlaat mij zoo min dan hare schaduw.  Dus, alle hoop is voor u verloren wanneer gij niet eerst aan mijne moeder de verzekering geeft dat uw inzichten eerlijk en oprecht zijn.
Het is mogelijk dat ik Zondag met mijne moeder de groote Wandelplaats bezoek.  Ik verwittig u, opdat u de lust niet zou vervoeren u langs dien kant te begeven.
In geval gij de vermetelheid hadt mijn verbod te overtreden, wees dan ten minste voorzichtig.  toch ware het beter u eerst met mijne moeder te verstaan.  Eens de kennis gemaakt zouden wij elkander zonder vrees kunnen zien en spreken.
Denk er aan.
Mejuffer Coralie V.
 
"Antwoord afwijzend"
 
Mijnheer,
 
Ik ontwaar den strik die gij mij spant.  Het is zeer slecht van u gedaan, te meer, omdat ik op het punt was van u te beminnen.
Ik bid u uwe briefwisselingen te staken, ik zal ze niet meer aanvaarden, en zoo gij het nog waagt mij te schrijven, verwittig ik u, dat ik uwe brieven aan mijne moeder ter inzage zal geven.
Ik ben een eerlijk meisje, dat is u genoeg zeggen dat gij u bedrogen hebt, met u tot mij te wenden.
Ik heb de eer u te groeten,
 
Mejuffer C.V.
 
Waar is de tijd gebleven ?  Is het nu niet eenvoudiger ?
Wel leuk om lezen niet ? ...............
 

Lees meer

close

Open Deur Dagen 8, 9, 10 en 11 november 2008.

Open deur Actie 8, 9, 10 en 11 november 2008 : Grote Kortingen ! 

Oranje = 50 % korting
Groen = 30 % korting
Rose = 20 % korting
Geel = 10 % korting
 
Geachte Heer, Mevrouw,
                                                                                                            
Terwijl de vogels in het vroege voorjaar af en aan vliegen om hun nestje te bouwen, voelen wij mensen die drang juist pas als de bladeren weer gaan vallen.  Wanneer het 's avonds te kil wordt om buiten te zitten, richten we de blik naar ons interieur en wordt het weer tijd voor ons "nestje". Want als je na een lange zomer buiten leven, je eigen huis weer eens met een frisse blik bekijkt, is er altijd wel iets dat beter of mooier kan.  Een nieuw kussentje hier, een mooie lampadaire daar, een schilderijtje aan deze muur en die kast dient ook dringend aangeschaft of vervangen te worden ...
 
En wanneer je dit nu doet, kun je er ook weeral de hele herfst en winter van genieten. Daarom is het weer de geschikte tijd om U uit te nodigen op onze Open Deur Dagen die doorgaan op 8, 9, 10 en 11(!) november as.  dit telkens van 13.00 tot 18.00 uur.
Ook dit jaar kan U rustig rondkuieren , genietend van een glaasje wijn of vruchtensap met een lekkere snack.  Of nakeuvelen met een gratis tasje koffie en een koekje in een rustig hoekje.
 
Onze antieke meubelen, net zoals de maatwerk kasten en tafels, zijn eenmalig gemaakt en geven een meerwaarde aan uw interieur.  Ieder stuk dat niet van de band is gerold, maar door mensenhanden op ambachtelijke wijze is vervaardigd en uniek is in de wereld, verlevendigt uw woning, het vertelt een verhaal, draagt een geschiedenis mee en dwingt door zijn authenticiteit respect af.
 
Graag stellen we U ook onze zeer grote collectie handgemaakte tiffanylampen voor.  Speciaal voor de Open Deur dagen hebben wij een nog grotere voorraad aangelegd. En onze zoektocht naar mooie, unieke stukken, leverde een uitgebreide collectie schilderijen op. Romantische taferelen, woeste marines of juist rustige strandzichten, sobere en kleurrijke stillevens, dierenschilderijen, niets ontbreekt in deze verzameling.
 
Bent U ook nog op zoek naar net dat ene meubel(tje), die comfortabele zetel of fauteuil in leder of stof (nieuwe collectie), of een andere decoratief element dat je woning nét die ene toets geeft die zo uniek is ?

 

Dan hebben wij goed nieuws voor U : tijdens de Open Deur dagen geven wij eenmalige kortingen op meubelen en decoratie. U ontdekt zelf welke korting er van toepassing is op het voorwerp dat U uitzocht. En omdat U steeds op ons kan rekenen, ontvangt iedere klant die voor een minimumbedrag van 350,00 Euro aankoopt (meubelen en/of kleingoed) ook nog een mooi, nuttig en toepasselijk geschenk !
 

Tot 8, 9, 10 of 11 november ?

Myriam en Eddy Van Den Bergh - Hofkens,

Antiekcentrum Den Ouden Overzet
Tel. 03/755.67.48                     
 

 

Lees meer

close

Eén slot, twee sloten,...

Hoe herken je echt antiek ?
Dat is een vraag die velen zich stellen...  het is inderdaad niet altijd eenvoudig om een echt oud meubel te onderscheiden van een goed nagemaakt hedendaags meubel.  Gemaakt in de zgn "derde-wereldlanden" waar handwerk nog gemeengoed is en met het transport van materialen dat nu niet zo moeilijk te regelen is, kunnen wij stellen dat er heel wat "goede" kopies in omloop zijn.
Wie op zoek is naar antieke meubelen denkt niet meteen aan de sloten.  En toch zijn er maar weinig dagelijkse voorwerpen die een rijke geschiedenis kunnen vertellen.  Antieke meubelen zijn vaak voorzien van forse sloten, waarover heel wat te vertellen is.  Ze zijn niet alleen van practische, maar vaak ook heel mooi geconstrueerd.  De binnenkant is vaak een mooie compositie van gekrulde veren en lipjes.
De slotenmakerij bereikte haar hoogtepunt in de 17e eeuw, en sindsdien is het bergaf gegaan.  Een hedendaags slot kan men reeds openen op  enkele minuten, een eeuwenoud slot uit de 17e eeuw vergt gemiddeld twee dagen !
In een koffer werden kleren en waardevolle stukken opgeborgen en de koffer werd in de vroege meubelkunst ook als eettafel gebruikt.  En soms diende de koffer zelfs tot bed, men sliep er bovenop !  Het meubel van belang was dan ook de koffer.  Deze werden dan meestal ook van een stevig slot voorzien.  Meestal zat
zulk een slot aan de buitenkant.  Sloten aan de binnenkant aanbrengen deed men pas veel later.  De andere meubelen werden meestal niet van sloten voorzien, men moest snel zijn boeltje kunnen pakken.
Ook bij voordeuren zaten de sloten vroeger aan de buitenkant...  Ze leken simpel, maar de sloten van toen waren wel heel degelijk.
Sloten van bijvoorbeeld Franse, Engelse of Duitse makelijk veranderden zelden van bouw of systeem: dat lag vast in de voorschriften van de plaatselijke gilden.
Soms vindt men een meesterteken in het slot, zo kan men de afkomst bepalen.
Ook nu nog worden de gewone sloten in Frankrijk gemaakt volgend de tradities en ontwerpen van 200 jaar geleden.  Deze sloten zijn dan ook nog bij de echte slotenmakers te koop. 
Uitgebreide literatuur over sloten is er niet echt te vinden.  In een goede bibliotheek kan je misschien wel een enkele boek over dit onderwerp vinden.
De diverse stijlen en mechanismes zijn vrij gemakkelijk te herkennen,  er is op een paar hedendaagse gadgets na niet veel veranderd aan de traditionele sloten.
Er zijn ook diverse musea voor decoratieve kunsten die een afeling over sloten hebben.  Het is interessant om de verschillende stukken te vergelijken.  Het is heel goed mogelijk dat er wel een slot bijligt dat sterk lijkt op sloten in uw eigen bezit !
De sleutel is meestal een stuk jonger dan het slot.  Gemiddeld moest een sleutel om de 25 jaar vervangen worden omdat hij gebroken of gewoonweg versleten was.  Dus op een Middeleeuws slot zit niet altijd een  Middeleeuwse sleutel ! Deze oude sleutels zijn zeer gegeerd door verzamelaars (dat hebben wij tot onze eigen schade en schande al moeten ondervinden !).  Ze zijn meestal zeer decoratief.  Maar ook met een aantal oude sloten kan men mooie composities maken.
Meestal is een nieuw slot (kopieproduktie) duurder dan een antiek slot.  De arbeidsuren zijn tegenwoordig heel duur. 
Een antiek slot kan je echter meestal wel laten repareren.  In Brussel vindt je nog een echte restaurateur van antieke sloten.  Het adres kan je bij ons opvragen. 
 

Lees meer

close

Wat is "Loom"?

Hier is enige opheldering over de naam en het product zeker op zijn plaats.  Loom is simpelweg het Engelse woord voor weefgetouwen. 
In 1917 laat de Amerikaan Marshall Burns Lloyd een nieuw, alternief product en systeem om vlechtwerkmeubel te herstellen en fabriceren patenteren.  
Het vervangt het klassieke pitriet en bestaat uit geweven matten van papiergaren.  Daarvoor wordt dun staaldraad omwikkeld met kraftpapier.  Dit gewikkelde papiergaren wordt op een weefgetouw zeer fijnmazig tot matten geweven.
In het Amerika van de roaring twenties maken Lloyd Loom meubelen vrij snel furore.  De nieuwe meubelen werden uit gebogen beukenhout vervaardigd en bekleed met de Loom geweven matten.  Het resultaat was een nieuw vlechtwerkmeubel dat hanteerbaarder, sterker en eleganter was dan de gevlochten rotan en pitrietmeubelen.  Getuige van de kwaliteit is dat men heden nog steeds originele Marshall B. Loom meubelen vindt op de antiekmarkt.
In zijn eerste bloeiperiode, tot de crisisjaren van de vorige eeuw, maakten Lloyd Loom meubelen grote sier bij de high society.  In befaamde hotels, op terrassen en in tuinen, op de promenadedekken van luxe cruiseschepen, tot zelfs in de Zeppelins vond men deze meubelen terug.
In 1921 echter verkocht Marshal Burns Lloyd zijn patent aan een Engelse fabrikant, die er een typische zitmeubelstijl voor ontwikkelde, vandaar de vaak Britse associatie.  Deze fabrikant ontketende een doorbraak in europa van Lloyd Loom meubelen.  In de nadagen van de tweede wereldoorlog maakten bombardementen een einde aan de fabriek en de hoogtijdagen van Lloyd Loom.
Nu is er reeds enkele jaren terug een opgang van deze meubelen te merken.  Het aanbod reikt veel verder dan de eertijds klassieke stoelen en fauteuils : meubels
en accessoires voor de zit-, woon- en slaapkamer en zelfs buitenmeubelen worden nu aangeboden.
Dit is de volgende misvatting die om een rechtzetting vraagt.  Loom is niet zomaar geschikt voor buiten.  Er zijn speciale "out-door" collecties met frames van aluminium.  Het Loom weefsel dient dan eerst beschermd te worden met een vochtwerende laag.  Een latexlaag wordt ingebakken.  Vervolgens dient de Loom met een speciale, waterbestendige lak afgewerkt te worden.  Dit vormt een extra bescherming tegen water en zon met behoud van de elasticiteit, nodig om de temperatuurverschillen op te vangen.  Maar dan nog dient U geadviseerd te worden om de meubelen tijdens de wintermaanden binnen te plaatsen.
Een goed alternatief hiervoor zijn de tuinsetten die in synthetische draad geweven worden en die vandaag zulke furore maken in de tuincentra.
 

Lees meer

close

Opendeuren november december 2009

De bladeren vallen, weken glijden voorbij : het wordt sneller donker... wordt U melancholisch ?  Wij ook en dat is normaal. 
Het is tijd om zich terug in huis te installeren.  Tijd om zich bezig te houden met de herinrichting van onze woning om er weer een aangename winter door te kunnen brengen.  Tijd dus ook voor ons om U weer uit te nodigen op onze jaarlijke OPENDEUREN
Deze gaan door op 7, 8, 9, 10 en 11 november as, dit telkens van 13.00 tot 18.00 uur.
Traditioneel verwelkomen wij U met een tasje koffie en een koekje in een rustig hoekje van de Antiekwinkel.  Of geniet U liever van een glaasje wijn of fruitsap met een hartige versnapering ?
 
Natuurlijk wilt U aangenaam wonen, maar U wilt er beslist niet teveel voor betalen, Zeker vandaag de dag niet.  Om het voor U nog aantrekkelijker te maken om nu langs te komen, hebben wij tijdens onze OPENDEUREN enkele unieke acties* :
 
Eén vierde Tafel Gratis : bij aankoop van een Home Basic tafel met het bijpassende aantal stoelen (model naar keuze), of een korting van 25 % op de tafel.
 
6 halen, 5 betalen : een korte en eenmalige actie op onze Original Loom stoelen.
 
Eén vijfde Zitbank Gratis : op onze collecties lederen salons en stoffen salons vanLeda (of een korting van 20 %) ook geldig op de nieuwe collecties.
 
Boyds beren en toebehoren : 10 % korting.
 
De Stickeractie van vorig jaar loop verder op de sfeerartikelen en sommige meubelen voorzien van een gekleurde sticker. 
Laat U verrassen, kortingen tot -50 % !
 
U ziet het, U kan heel wat voordelen* oprapen tijdens onze OPENDEUREN.  
 
En misschien speelt ook het ecologische voordeel een rol.  In deze tijd, waar men niet alleen het budget, maar ook het milieueffect goed afweegt bij iedere aankoop, kan Den Ouden Overzet met de aangeboden collecties aan de gevraagde behoeften voldoen.  De antieke meubelen worden met respect voor hun verleden met met het milieu, volgens deontologische regels gerestaureerd.  Zo worden ze weer klaargestoomd en gerecupereerd voor een nieuwe toekomst in een hedendaagse omgeving.  De Massieve eiken, notelaren en dennenhouten kasten en andere meubels, zijn immers onverslijtbaar en na een grondige opknapbeurt in de eigen ateliers kunnen ze weer generaties verder.  Klanten kunnen eveneens hun eigen meubels laten herstellen in het atelier.  Verf decaperen of aflogen, herstellingen, rieten of canneren van zitjes en ruggen, herstofferen van stoelen en fauteuils,... je kan steeds vrijblijvend informatie of prijsofferte aanvragen.
 
Verder hebben we ook dit jaar - na het overweldigende succes van vorig jaar - weer gezorgd voor een zeer grote collectie handgemaakte tiffanylampen.  Ook de schilderijen vielen vorig jaar in de smaak.  Dus presenteren we opnieuw een uitgebreide collectie : romantische taferelen, woeste marines, rustige strandzichten, sobere en kleurrijke stillevens, dierenschilderijen, bekende en minder bekende schilders... (W. Paniier, Kordian R., P. Stefani, D. Dejoux, P. Vladimir, W. Lucas,...)
 
En omdat U steeds op ons kan rekenen, ontvangt iedere klant die voor een minimumbedrag van 250,00 Euro aankoopt (meubel en/of kleingoed) ook nog een mooi, nuttig en toepasselijk geschenk !
 
Mogen wij U welkom heten op 7, 8, 9, 10 of 11 november ?
 
Eddy en Myriam Van den Bergh - Hofkens.
 

Lees meer

close

De boekenkast

De boekenkast werd rond 1600 in gebruik genomen, uiteraard niet bij de gewone burger, maar wel bij de adel en de geleerden. 
Onderwijs was tenslotte nog niet toegankelijk voor iedereen. 
 
In het begin had de boekenkast vrijwel altijd deuren of gordijnen. 
Dat was nodig om de boeken te beschermen tegen stof en vuil van de kolen en turfkachels.
Was de boekenkast open, dan werden de planken aan de voorkant voorzien van een stofwerende strook leer of laken.
 
Naarmate een goedgevulde boekenkast meer als decoratief element in het interieurwerd gezien en de banden van
de boeken mooier werden uitgevoerd, kwam men ertoe om een glazen of getraliede deur van het meubel aan de binnenkant met
aaneengesloten lederen boekruggen te beplakken.
Ook ontstongen in die tijd nepboeken : lege boekbanden die dienden als bewaarplaatsen voor kostbaarheden.
In oude bibliotheken zult U ze nog wel eens zien staan.  Ze ogen nog steeds zeerdecoratief.
Open mahonie- of eikenhouten boekenkasten zijn weer heel actueel, niet alleen voor boeken maar ook als verzamelkast.
Men vindt ze in strakke stijlen en met snijwerk.
 
U kunt zelf ontdekken of U te maken heeft met een echte oude eikenhouten kast of een nieuwer exemplaar.  Observeren en
logisch nadenken is prioritair.
Echte oude kasten hebben bijvoorbeeld rond de spijkers die eventueel werden gebruikt, blauwzwarte vlekken in het hout
die niet meer te verwijderen zijn.  Dat komt omdat ijzer en staal op de lange duur worden aangetast door het looizuur in het eikenhout.
Verder dient U steeds te letten op "logische" slijtages. 
Enorm veel antieke boekenkasten zult U evenwel niet vinden, immers tot het begin van de 19e eeuw, konden de meeste
burgers niet lezen en schrijven en hadden zij zeker de centjes niet om boeken enmeubelen aan te schaffen. 
De antieke boekenkasten zijn dan meestal ook niet zo heel compact en klein.  Ze werden geintegreerd in de bibliotheek ruimte
van wie het zich kon permiteren.
En U moet kunnen vertrouwen op de vakkennis en de eerlijkheid van uwantiekhandelaar.
Wij hebben voor het ogenblik meerdere, mooie exemplaren grote boekenkasten in voorraad.  Liefhebbers, kom zeker een kijkje nemen !
 

Lees meer

close

Hoe onderhoud ik mijn geboende meubelen ?

Antieke meubelen worden steeds mooier. 
Een juist onderhoud is vereist, maar vergt niet veel tijd. 
Eén maal per jaar een goede boenbeurt geven is voldoende.  (Dit hangt evenwel af van het type verwarming dat U heeft.
 
Hout :
 
Gebruik steeds een boenwas in de juiste kleur !  Er bestaan meerdere kleurennuances tussen wit en donkerbruin.
Wijzelf bieden ongeveer acht verschillende kleuren boenwas aan.  Gebruik bij voorkeur een vaste was.
Breng  deze boenwas niet aan met een vod, maar met een langharige verf-of vernisborstel.
Wrijf de was goed in het hout, met de houtrichting mee en laat minstens twee uur indrogen.
Daarna opwrijven met een boenborstel, hiermee kan je gemakkelijk elk hoekje en kantje bereiken door de plaatsing van de haren.   Heeft U deze niet in uw bezit, ook hieraan kunnen wij verhelpen.
Deze worden in ons assortiment onderhoudsproducten aangeboden.
Ga nog even over het meubel met een panty of nylonkous en je meubel blinkt als een spiegeltje !
Op deze manier werk je niet alleen snel, zuinig, maar ook grondig en met een schitterend resultaat.
 
Beslag :
 
Heeft je meubel koper of bronsbeslag, reinig dit dan niet met een koperpoetsmiddel !  Hiermee maak je alleen maar vlekken op het hout en laat je in de kleine hoekjes een vieze laag achter die later wit verkleurt.
 
 
Haal (indien mogelijk) het beslag van het meubel en polier dit even op met héél fijn staalwol (OOO).
Breng terug aan op het meubel.
 
 
Verder het meubel regelmatig afstoffen met een panty of nylonkous, dit om de glans te bewaren. 
 
Gebruik nooit spuitbussen met chemische "blink" middelen, maar een goede boenwasdie U ook bij uw
antiekhandelaar kunt verkrijgen.  Deze boenwas geeft niet alleen een mooie zachte glans aan uw meubel, maar is ook nodig om het massieve hout te voeden.
 
Nog veel plezier en succes met uw antieke meubel en!!! 
 

Terug naar het nieuwsoverzicht

Lees meer

close

Het ontstaan van kasten

Onze vroege voorouders kenden de luxe van een kast niet. 
Zij gebruikten kisten als bergmeubelen.  Deze kisten dienden ook als stoel.  Naast het haardvuur, met gehandwerkte kussens erop werd het een comfortabele
zitplaats.  In deze kiststoelen werden vaak kostbaarheden bewaard.  Hieraan refereert nog steeds het spreekwoord "op zijn geld zitten".
Wanneer men van de ene residentie naar de andere trok werden deze kisten alskoffers gebruikt, men kon er de noodzakelijke huishoudartikelen in opbergen en het  waren "handige" meubelen om te transporteren.
In de latere gotiek na 1400, toen men meer vaste woonplaatsen had, plaatste men dekist op hoge poten en bekwam men een eerste kast meubel
Zo ontstond een totaal nieuw meubel : "het dressoor".  Deze naam is afkomstig van het Franse "trésor" dat schat of schatkist betekent.  Dit slaat zowel op de kostbaarheid van het meubel zelf, als op de functie van bewaarplaats. 
Omstreeks deze periode bewerkte men het meubel met allerlei edele materialen en metalen of liet men bekende kunstschilders taferelen schilderen op deurpanelen.  (Zie de mooi bewaarde voorbeelden in musea te o.a. Antwerpen.)
Uit het dressoor, ook wel tressoor of dressoir genoemd, ontwikkelde zich op het einde van de 16e eeuw "het buffet".  Het oorspronkelijke dressoor werd eenvoudigweg omgekeerd, zodat de deurtjes onder kwamen en het open deel boven (zie ook de dessertkasten van de latere eind- 19e eeuwse Henri II eetkamers).  Hetbuffet werd gebruikt voor het uitstallen van tafelgerei en feestelijke gerechten.  Ook nu nog is een buffet een perfect meubel voor decoratief serviesgoed of voor een culinair buffet.
Nog later, toen men steeds meer tijd en aandacht ging besteden aan het versieren van meubelen, werd het bovenste deel van het buffet hoger en werd het meer gedecoreerd.
 

Terug naar het nieuwsoverzicht

Lees meer

Back to Top